Het beleg van Vredenburg
In november 1576 richt de commandant van Vredenburg, D’Avila, de kanonnen
van Vredenburg dreigend op de stad, als reactie op de ondertekening door de Staten van Utrecht van de Pacificatie van Gent. Dit is een verbond tussen de meeste van de 15 Nederlandse gewesten die nog trouw zijn aan Filips II (ook Utrecht) en Holland en
Zeeland (die de vorst hebben afgezworen). Het streven is de vrede in de Nederlanden te herstellen door de Spaanse troepen uit de Nederlanden te verdrijven. De 15 gewesten buiten Holland en Zeeland (dus ook Utrecht), blijven overigens Filips II nog als hun
vorst erkennen.
De hopmannen van de acht burgervendels van de stad plaatsen als antwoord op de dreiging vanuit het kasteel enkele kanonnen op de torens van kerken rond de Vredenburg en op enkele hoge huizen. Utrechtse burgers, bijgestaan door Duitse huursoldaten lopen
wacht bij het kasteel om te voorkomen dat de Spaanse soldaten de stad in zullen trekken. Op 21 december doen de Spaanse soldaten een uitval: ze drijven de wachters uiteen en stichten brand in de stad. De Spanjaarden worden echter in het kasteel terug
gedreven en de Utrechtse burgers nemen het kasteel vanaf de torens onder vuur. Ze worden daarop vanaf het kasteel echter zo hevig beschoten, dat ze in allerijl een goed heenkomen moeten zoeken. Op 22 december stichten de Spaanse soldaten opnieuw brand in
de stad. De Utrechtse burgers krijgen steun uit Holland. Bossu komt naar Utrecht om de leiding van het beleg op zich te nemen. De Spaanse soldaten wagen geen uitval meer, maar het kanonvuur vanuit Vredenburg richt in de stad grote schade aan. De burgers
zetten Bossu onder druk het kasteel te bestormen. Dit gebeurt echter niet. Bossu vindt dat er niet genoeg munitie in de stad aanwezig is om een bres in het kasteel te kunnen staan. Bovendien wil hij geen aanval wagen op een regiment beroepssoldaten met
vooral burgers. De belegering sleept zich dus - tegen de zin van de Utrechtse burgers - voort. De situatie op het kasteel verslechtert snel; vooral de brandstofvoorraad raakt op en de soldaten gaan morren vanwege het uitblijven van betaling van de soldij.
Op 7 februari laat D’Avila weten dat hij wil onderhandelen en op 9 februari wordt overeengekomen dat hij met het garnizoen uit de stad zal vertrekken. Het geschut en de kanonskogels blijven in het kasteel achter, maar de soldaten mogen hun wapens
meenemen. Op 11 februari verlaat het garnizoen mèt vrouwen en kinderen het kasteel.
Deelopdracht 7
De afbraak van Vredenburg
Als het Spaanse garnizoen de stad verlaat, laten de Spanjaarden kasteel Vredenburg vrijwel intact achter, compleet met kanonnen en munitie. Als je nu gaat kijken op de plaats waar Vredenburg stond volgens de hierboven opgenomen 16de eeuwse kaart, is er
van het kasteel zo op het eerste gezicht echter niets meer over. Toch laat de geschiedenis in de stad meestal sporen na.
Deelopdracht 8

Op het bovenstaande archiefstuk staat:
Philippo de nave soldaet upt casteel
heeft gecoft het lootsken daer hij in woendt
met het lootsken daer besyden aen tot den
gront toe voor vijftien gulden, facit xv Libra (gulden)
Slotopdracht:
Het doel van dit alles was te bekijken wat de historische kern zou kunnen zijn van de legende over Trijn van de Leemput.
De volgende vragen zijn daartoe nu beantwoord:

Handtekening van Trijn van Leemput.
Meer informatie: