Tussen 1850 en 1917 groeide de bevolking van Utrecht van 47.000 naar 135.000 mensen. Veel mensen woonden in krotten en dronken vervuild water. In de Woningwet van 1901 werden normen en minimumeisen voor woningbouw vastgelegd. Vanaf 1924 ontstonden nieuwe woonwijken rondom het oude Utrecht. Nog in de jaren '50 woonden mensen in krotten, zoals hier in de Spijkerstraat.