1745: Hernhutters in Zeist

Prospect op Zeist

In 1745 koopt de rijke Amsterdamse koopman Cornelis Schellinger de hoge heerlijkheid van Zeist en Driebergen en het daarbij behorende slot. Schellinger is lid van de Hernhutters of de Evangelische Broedergemeente.
De Evangelische Broedergemeente of Hernhutters is een religieuze beweging die teruggaat tot de tijd van Johannes Hus, die in 1415 in Constanz als ketter werd verbrand. In 1722 vestigen enkele uitgeweken families van de ‘Brüder Unität’ uit Moravië zich op het landgoed van Nikolaus Ludwig graaf von Zinzendorf und Pottendorf in Saksen. Zij noemen hun nederzetting ‘Hernhut’. Voor de Hernhutters staat het leven en het lijden van Christus centraal. Zij hebben veel aandacht voor zending, maar ook voor scholing en opleiding. Zo worden zij ook actief in Suriname, Afrika en Groenland.
Zinzendorf onderhoudt contacten met de weduwe van de Friese stadhouder Johan Willem Friso, Maria Louise van Hessen-Kassel, die bekend is als ‘Marijke Meu’. Zij verleent de Hernhutters toestemming om zich te vestigen in Eiteren, in de baronie van IJsselstein. IJsselstein is immers bezit van de Oranjes. Maar de bevolking en de schout van IJsselstein zijn de Hernhutters vijandig gezind en zij zoeken naar een andere woonplaats. Als Schellinger de heerlijkheid van Zeist en Driebergen koopt, zijn de problemen voor de Hernhutters voorbij. De heer van Zeist mag de schout, de schepenen en de gerechtsdienaren aanstellen en Schellinger zorgt ervoor dat deze functionarissen de Hernhutters niet lastig vallen.
De Broedergemeente krijgt van Schellinger de grond vóór het slot in erfpacht en zij richten nu een bouwfonds op, het Gemeincredit. De rijkere gemeenteleden zorgen tegen een lage rente voor het kapitaal in dit fonds. Zo kan in 1748 een ambitieus bouwprogramma van start gaan. De rijke Amsterdamse leden laten monumentale particuliere huizen bouwen. Daarnaast verrijzen aan de pleinen de koorhuizen. De Hernhutters zijn namelijk verdeeld in groepen die zij ‘koren’ noemen. Er is een koor van ongehuwde zusters, een koor van weduwen en een koor van ongehuwde broeders. Voor de ongehuwde broeders wordt een Broederhuis gebouwd aan het Broederplein. Aan het Zusterplein verrijzen het Zusterhuis voor de ongehuwde zusters en voor de weduwen een Weduwenhuis. De gemeentegebouwen met de koorhuizen en de kerkzaal in de slottuinen van Zeist zijn sindsdien het centrum gebleven van de hernhutter activiteiten in Nederland.
De archieven van de Evangelische Broedergemeente worden bewaard bij Het Utrechts Archief. Hierbij zijn archieven die een beeld geven van de kerkelijke activiteiten, maar ook archieven van bedrijven van de Evangelische Broedergemeente en een unieke muziekverzameling. Het archief van de Predikant en Oudstenraad bevat onder andere meer dan 800 levensbeschrijvingen van gemeenteleden en predikanten.

Broederkerk te Zeist

Literatuur

M.P. van Buijtenen, C. Dekker, H. Leeuwenberg (red), Unitas Fratrum, Herrnhuter Studien. Utrecht 1975.

Archief

Archief van het Broederkoor 1682-1950
Archief van de Predikant en Oudstenraad 1736-20ste eeuw
Archief van het Weduwenkoor 1752-1933
Archief van het Zusterkoor 1750-1769

Thema

Tijdbalk