1412: Abraham Dole sticht het Ursulaconvent in Utrecht

De smid Abraham of 'Braem' Dole is een voorname burger die veel belangstelling heeft voor de Moderne Devotie, een religieuze beweging die streefde naar de herleving van het oorspronkelijke Christendom. In 1399 is hij getuige bij de oprichting van het St. Ceciliaklooster, het eerste klooster in Utrecht waar volgens de regels van de Moderne Devotie geleefd wordt.
Op dinsdag na St. Gregoriusdag in 1408 maken Abraham Dole en zijn echtgenote Korstine hun testament. Zij benoemen hun kinderen Jacob en Lisebet tot erfgenamen. Jacob wordt priester en Lisebet wordt non, zodat het geld uiteindelijk ten goede komt aan het klooster dat Abraham Dole sticht op het binnenterrein tussen de Nieuwstraat en de Oudegracht, ten zuiden van de Hamburgerstraat.
Op 9 oktober 1412 verleent de Utrechtse bisschop Frederik van Blankenheim zijn toestemming voor het 'insluiten' van de nonnen. Zij leven volgens de derde regel van St. Franciscus en kiezen St. Ursula tot patrones voor hun klooster. In de volksmond is het klooster bekend als het 'Braem Dolenconvent' of 'Brandoly'.
Later gaan de nonnen over tot de orde van de reguliere kanonessen, die volgens een strengere regel leven.
De kapel en de gewelven van het klooster zijn bewaard gebleven. De kapel is tegenwoordig een kerkgebouw voor de Evangelisch-Lutherse gemeente met een ingang aan de Hamburgerstraat.
De Abrahamdolehof, de Abrahamdolesteeg en de Regulierssteeg herinneren aan het klooster en maken duidelijk hoe ver het kloosterterrein zich uitstrekte.

A. Rademaker tekende het Abraham Doleklooster met rechts de kapel in 1723

Literatuur

A. van Hulzen, Utrechtse kloosters en gasthuizen. Baarn, 1986.

Archief

Bewaarde Archieven, toegang 708-22

Thema

Tijdbalk