
In tabula: * I.O.T.M.1 Christo sacrum.
Dominae Annae de Abcouden a Merthen ab Essestein, quae cum multis annis adversus mortem, continuo fere morbo ex animi moerore colluctata patientissima esset, precibus instanter ad Deum emissis, ut ex hoc ergastulo liberaretur, exaudita tandem spiritum Creatori remisit, cum exulasset annos 87, dies 21, abiit 16 decembris anno Salvatoris 97.
In alia tabula: * D.O.M. aeterno sacrum.
Nobili, strenuo, pietate, fide ac prudentia incomparabili viro, domino Antonio de Abcoude a Meerthen, equiti aurato, militi etiam Hierosolimitano, gentis suae primario domino ab Essenstein, arcis Maerseniae ac Maersenbrouck, sodali sancti Antonii, in hoc sacello Antonii, parenti illustris domini Theodorici, ex liberis baronibus a Wassenaer et burchgraviis quondam Leidensibus, prepositi et archidiaconi istius ecclesie, erect[e] conlegae clarissimo, qui hydrope aetatis suae anno LXIII consumptus, ex valle hac lachrimarum, magno ordinis et suorum luctu et desiderio, ad coelestem patriam (Deo sic iubente) transmigravit, anno Christi salvatoris LXXIII post MD, sepultus in sepulchro maiorum Culemburgi, apud parentes et coniugem, dominam Annam, e comitibus de Lalain, quae XIII annos ad vitam aeternam precessit, post IV liberos ex illa susceptos, unum marem, cuius unicam ex asse heredem, filiam Annam, duxit generosus et strenuus dominus, dominus Wilhelmus de Gendt, dominus in Gendt, Appelteern, Berlicum, Altvort, et ducatus Geldriae ac comitatus Zutphaniensis cubicularius hereditarius. Reliquas faemellas, maior natu nupsit dominum de Geffen et Nulant, altera dominum de Urck et Emelweert, tertia innupta iuvencula obiit. Joannes a Renesse, huius ecclesiae (...)
1. In omnis temporis memoriam (of In optimam tuam memoriam?).
Op een bord: * I.O.T.M.1 Aan Christus gewijd. Voor Anna van Abcoude van Meerten van Essestein, die jarenlang vrijwel voortdurend ziek was, maar met een bedroefd gemoed heel geduldig tegen de dood bleef strijden. Ze heeft dringend tot God gebeden om uit dit aardse tuchthuis verlost te worden, tot haar gebed verhoord werd en ze eindelijk haar geest aan haar Schepper terug kon geven. Ze heeft 87 jaar en 21 dagen in ballingschap geleefd, en ging heen op 16 december in het jaar van de Verlosser 1597.
Op een ander bord: * D.O.M., de Eeuwige.
Voor de weledelgestrenge, onvergelijkelijk vrome, trouwe en wijze heer Antoon van Abcoude van Meerten, gulden ridder, tevens ridder van Jeruzalem, voornaam heer van zijn geslacht van Essenstein, van het slot van Maarssen en Maarssenbroek, lid van de Antoniusbroederschap in deze Antoniuskapel. Hij was verwant aan Dirk, telg van de vrije baronnen van Wassenaar en burggraven van Leiden, en voormalig proost en aartsdiaken van St. Jan.
Voor hun ambtgenoot, die op de leeftijd van 63 jaar aan waterzucht is overleden. Tot groot verdriet en rouw van de Staten en van de zijnen, is hij uit dit tranendal naar het hemelse vaderland (als God het zo heeft beschikt) overgegaan, in het jaar van Christus onze Verlosser 1573. Hij is begraven in het graf van zijn voorouders te Culemborg, bij zijn ouders en bij zijn echtgenote Anna, telg van de graven van Lalaing, die hem dertien jaar eerder naar het eeuwige leven is voorgegaan. Ze had hem vier kinderen geschonken. Een ervan was een zoon, wiens enige en universeel erfgename, zijn dochter Anna, gehuwd is met Willem van Gendt, heer van Gendt, Appeltern, Berlicum, Altvort en erfelijk kamerheer van het hertogdom Gelre en het graafschap Zutphen. De overige waren meisjes, waarvan de oudste is getrouwd met de heer van Geffen en Nuland, de tweede met de heer van Urk en Emmeloord, de derde is ongehuwd gestorven, als jong meisje. Jan van Renesse [deken] van St. Jan ...
1. Voor uw zeer grote verdienste; of: In zeer goede herinnering(?)
Bladeren
Weergave