208 inventaris van het archief der heerlijkheden mijnden en de beide loosdrechten 0 9999 208 heerlijkheden mijnden en de beide loosdrechten Het Utrechts Archief Openbaarheid volledig openbaar Titel inventaris inventaris van het archief der heerlijkheden mijnden en de beide loosdrechten Titels nadere toegangen Geen nadere toegangen 1. Inleiding De heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten waren gelegen ter hoogte van de plaats, waar de Drecht in de Vecht uitmondt en waar het huis Mijnden stond. Het huis Mijnden dat, volgens van der Aa en Voogsgeerd 1 , in 1227 door Egidius van Amstel gesticht moet zijn, had een strategische ligging en heeft dus vermoedelijk in die tijd een militaire functie gehad. Naast die militaire functie hebben de heren van Mijnden zeker ook bestuursinvloed gehad. Zij bezaten het collatie-recht in Oud-Loosdrecht en later (1400) ook in Nieuw-Loosdrecht, en stelden daar de pastoors, na de hervorming predikanten, kerk- en weesmeesters en de kosters-doodgravers-klokkenluiders-schoolmeesters aan 2 ; zij stelden schout en schepenen, "schepenen-crimineel" en secretarissen aan en hadden toezicht op het dorps-bestuur in het algemeen. Voorts committeerden zij een hoogheemraad aan de Zee-burg-Diemerdijk, hadden zij visrecht, tiendrecht, veenschouw, genoten zij verscheidene recognities, sluisgeld, huis- en kalvergeld, tins en windgeld, boeten en inkomsten uit de veenschouw en de kleine boeten van het gerecht van Loos-drecht 3 . Ofschoon de heerlijkheden vaak als één geheel worden beschouwd, zij waren n.l. lange tijd onverdeeld bezit en hadden dezelfde schout en secretaris, zijn zij toch twee op zichzelf staande ambachtsheerlijkheden, n.l.: <br/>1 De beide Loosdrechten, hierbij rekende men ook Loenerveen, begrensd in het noorden door Kortenhoef, in het oosten door Hilversum, in het zuiden door Tienhoven en Breukelerveen en in het westen door Mijnden en de Vecht. <br/>2 Mijnden, begrensd in het noorden door de Drecht, in het oosten door de, door 1 A.J. van der Aa, Aardrijkskundig Woordenboek, Gorinchem, 1846, Het huis te Mijnden. W. Voogsgeerd, Een akte uit den jare 1317,, Jaarboekje van het Oudheidkundig Genootschap "Niftarlake", Utrecht, 1917, blz. 23. 2 Inv. nos. 50, 51 en 140. Mijnden hoorde kerkelijk onder Loenen, en daar het koopcontract van de heerlijkheden van 1856 aldaar geen collatierecht vermeldt, zal de ambachtsheer in Mijnden geen invloed op het kerkelijk leven hebben geha d (Inv. no. 85). 3 Inv. no. 51. Voetnoot De heerlijkheid Mijnden was wat oppervlakte en inwonertal betreft zeer klein, hetgeen waarschijnlijk de verklaring is voor het feit, dat Mijnden kerkelijk onder Loenen bleef. Tot de leenkamer van Mijnden behoorde een groot aantal lenen. Deze lagen goeddeels in Loosdrecht, Oud Over, Loenerveen, Nieuwersluis, Loenen, Portengen, Oucoop, Vreeland, Kortrijkerveld, Horstwaard, Nichtevecht, Schalkwijk en Leersum, en slechts voor een klein deel in Mijnden 1 . Egidius van Amstels nageslacht, de van Amstel van Mijndens, behielden de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten, tot de dood van graaf Floris V (1296), naar het schijnt als vrij en allodiaal goed. Doch de moord op Floris V had schadelijke gevolgen voor de toenmalige heer, Amelis van Mijnden (1285-1317); hij verloor zijn zelfstandigheid aan graaf Jan I I van Holland 2 . 1 Inv. nos. 51 en 130. W.A. Rijksvrijheer van Spaen, Historie der heren van Amstel, van IJselstein en van Mijnden. Den Haag, 1807, blz. 171, noemt circa 100 lenen. 2 Zie evengenoemd artikel W. Voogsgeerd, blz. 23-29, en W.A. van Spaen, blz. 170-172. Voetnoot Na zijn dood draagt zijn zoon, Wouter van Mijnden, zijn goederen op aan de graaf van Holland en zijn rechtverkrijgenden, en ontvangt, na de eed van trouw, de heerlijkheden als lenen van Holland terug. Sedertdien zijn Mijnden en de beide Loosdrechten hollandse lenen gebleven en bleven als zodanig in bezit van de van Amstel van Mijndens. Het huis Mijnden schijnt op den duur echter aan waarde als militaire versterking te hebben ingeboet, want nadat het tijdens de troebelen in de Leicester-periode verwoest of tot ruïne geworden was, is het niet meer herbouwd en de bestuursfunctie bleef slechts over voor de heren. Deze functie werd niet onbelangrijk, toen niet lang daarna de verveningen grote omvang gingen aannemen, en daar de onbetrouwbaarheid van de plaatselijke besturen in verveningszaken veelal gebleken was, werd het voorts langzamerhand gewoonte, behalve van die besturen, ook van de betrokken ambachtsheren advies in te winnen, zodat deze invloed op de veenderij verkregen <VNOOT > Mr. Th.F.J.A. Dolk, Het veenrecht in de provincie Utrecht, dissertatie, Utrecht, 1916, blz. 2 enz.. Daar de vergraving van land tot water, en de verarming der bevolking daardoor, nadelig bleken voor de opbrengst der grondlasten, werd er ter voorkoming hiervan een waarborgsfonds gevormd, waarvan de ambachtsheer het toezicht werd toevertrouwd 1 . Daar de ongebreidelde en willekeurige voortzetting van de veenderij particuliere eigendommen zowel als openbare werken in gevaar bracht, moest de ambachtsheer consent tot venen geven, alvorens men tot venen mocht overgaan 2 . Hij had er toezicht op te houden dat bij de vervening de reglementen en ordonnanties werden nagekomen: schouw. Hiervoor werd hem z.g. visitatiegeld uitgekeerd 3 . Bovendien kenden de verveners hem een vastgestelde som gelds per roede slik toe, om de ambachtsheer de deteriorat ie van zijn heerlijkheden enigermate te vergoeden, in Loosdrecht roetaalgeld genoemd 4 . 1 Zie het voorgenoemde blz. 3, note 1, en blz. 27. 2 Zie het voorgenoemde blz. 6 en 7, en Inv. no. 51. 3 Ook voor het verlenen van consent tot venen werd de ambachtsheer een recognitie toegekend, Inv. no. 88. 4 Zie het voorgenoemde blz. 6 en 7, en Inv. no. 51. Voetnoot Ondanks alle maatregelen werden de veenplassen een bedreiging voor de omgeving. Nu ging men (c. 1750) strenger toezien op de vervening, hetgeen veel moeilijkheden gaf 1 . Aan het einde der 18de eeuw begint men deze maatregelen te verwaarlozen en geeft men vergunningen zelfs om voorlanden geheel of gedeeltelijk te vervenen 2 . De vorming der diepe, uitgestrekte veenplassen was toen niet meer te voorkomen. Van de heerlijkheid der beide Loosdrechten is alleen het oostelijk deel met Nieuw-Loosdrecht nog een gebied van betekenis, van Oud-Loosdrecht rest niets meer dan de bebouwde kom, door enige smalle stroken land met de vaste wal verbonden. Nadat nu de heerlijkheden lange tijd aan de van Amstel van Mijndens hadden toebehoord, gingen zij in 1605 bij de dood van dementia van Amstel over aan haar zoon Anthonis van Lynden. 1 Dolk, Veenrecht, blz. 10 en 11, en Inv. nos. 161, 163, 164, 170, 174 en 175. 2 Dolk, Veenrecht, blz. 94, en Inv. no. 156. Voetnoot Bijna een eeuw bleven Mijnden en de beide Loosdrechten in bezit van het geslacht van Lynden. Doch in 1703 gingen zij door verkoop over aan de familie de Gruyter, die hen in 1706 reeds weer verkoopt aan Jeronimus de Haze de Georgio, burgemeester van Amsterdam 1 . In 1725 vererven zij aan zijn nicht Anna de Haze, wier dochter Helena Graafland, weduwe Mr. Jacob Alewijn hen in 1761 in bezit krijgt, waardoor de heerlijkheden in handen komen van de familie Alewijn. In 1856 verkopen de erven Mr. Jan Alewijn deze aan Dr. Jan Conrad Hacke, wiens nakomelingschap, de familie Hacke van Mijnden, de overgebleven titels tot op heden in bezit heeft (13). In 1952 werd het archief, dat grotendeels uit de 17de, 18de en 19de eeuw dateert en dat bij de heer Hacke van Mijnden berustte, naar de Rijksarchiefbewaarplaats te Utrecht overgebracht. 1 Opvolging van ambachtsheren van Mijnden, Inv. no. 1. 13. Koopcontract 1856 enz., Inv. no. 85. Voetnoot 2. Inventaris 2.1. Stukken van algemene aard 1 Stukken betreffende de opvolging van ambachtsheren over Mijnden en de beide Loosdrechten met hun titels van aankomst, sedert de opdracht door Melis II, heer van Mijnden etc. van zijn goederen aan de graaf van Holland, tot Margaretha Helena Graafland 1348-1765 en 1788 1 pak 2 Eedsformulier voor de leenmannen van de Staten van Holland en Westfriesland, en dispensatie van dien eed. (gedrukt) 1652 en 1736 1 omslag Acten van belening van de navolgende personen met de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten, door de Staten van Holland en Westfriesland 1703-1790 De belening omvatte de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten, het huis Mijnden, zes morgen land in Loosdrecht en acht morgen in het ambacht Mijnden NB 3 Maria Specx, weduwe van Bartholomeus de Gruyter, na opdracht door Jacoba Maria van Reede tot Renswoude 1703 1 charter 4 Jeronimus de Haze de Georgio, burgemeester van Amsterdam, na opdracht door Maria Specx 1706 1 charter 5 Margaretha Helena Graafland, weduwe van Mr. Jacob Alewijn, na dode harer moeder Anna de Haze 1761 1 charter 6 Mr. Zacharias Henric Alewijn, na dode zijner moeder Margaretha Helena Graafland 1766, 1 charter 7 Mr. Gillis Alewijn, na dode zijns oom (of broer) Mr. Zacharias Henric Alewijn 1789 1 charter Door vocht beschadigd NB 8 Jacob Alewijn, zoon van wijlen Mr. Gillis Alewijn 1790 1 charter Octrooien, door de Staten van Holland en Westfriesland, gegeven aan de navolgende ambachtsheren van Mijnden en de beide Loosdrechten, om over hun leengoederen te mogen beschikken 1708-1766, 9 Jeronimus de Haze de Georgio 1708 1 charter 10 Anna de Haze, echtgenote van Gillis Graafland 1725 1 charter 11 Margaretha Helena Graafland, weduwe van Mr. Jacob Alewijn 1761 1 charter 12 Zacharias Henric Alewijn, minderjarige zoon van wijlen Margaretha Helena Graafland, weduwe van Mr. Jacob Alewijn 1766 1 charter 13 Stukken "betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, tussen Jasper van Lynden en Jacoba Maria van Reede, "betreffende het arrest gelegd op een huis en land bij de Loenerveense Sluis, door Jasper van Lynden, als schout van Loosdrecht, na verkoop der heerlijkheden Mijnden en de "beide Loosdrechten door Jacoba Maria van Reede aan Maria Specx, weduwe Bartholomeus de Gruyter 1703-1724 1 omslag 14 Stukken betreffende de verkoop der ambachtsheerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten, door Willem de Gruyter, aan Jeronimus de Haze de Georgio, burgemeester van Amsterdam, en de moeilijkheden daardoor gerezen met de heer van Kronenburg, die op het recht van naasting bij verkoop der heerlijkheden aanspraak maakte 1706- 1707 1 pak 15 Stukken betreffende hypotheken op de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten ten laste van Willem de Gruyter, ambachtsheer, en betreffende de uitkeringen uit de insolvente boedel van zijn weduwe, Maria Specx, aan haar schuldeisers, na de verkoop der voornoemde heerlijkheden aan Jeronimus de Haze de Georgio 1689 1709 (met retroacta) 1 pak en 5 charters 16 Testament van Anna de Haze, ambachtsvrouwe van Mijnden en Loosdrecht, waarbij zij de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten vermaakt aan Margaretha Helena Graafland 1761 1 omslag Brieven ingekomen bij en uitgegaan van de navolgende ambachtsheren (-vrouwen) van Mijnden en de beide Loosdrechten 1706-1912 17 Briefen ingekomen bij Jeronimus de Haze de Georgio 1706-1725 1 pak 18 Brieven ingekomen bij Anna de Haze 1726-1746, 1753 en 1757 1 omslag 19 Register bevattende aantekeningen over en afschriften van brieven, verzonden door Anna de Haze 1754-1760 1 deel 20 Brieven, ingekomen bij en minuten van brieven, uitgegaan van Sara Maria van de Poll 1797-1823 1 omslag 21 Stukken en brieven, ten dele in het Italiaans, Duits en Engels, ingekomen bij Dr. Jan Conrad Hacke van Mijnden 1845-1864 1 omslag 22 Brief, met enige bijlagen, aan C.J. Hacke van Mijnden, afkomstig van C.H.C.A. van Sypesteijn, betreffende gegevens voor het museum Sypesteijn te Nieuw-Loosdrecht 1912, 1 omslag 23 Adviezen van de advocaat Adriaan Noorkerk en baljuw Heyblom betreffende verschillende processen gevoerd door Anna de Haze, ambachtsvrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten 1755 1 omslag 24 Stukken betreffende het vaststellen van de grens van het jachtrechtsgebied va.n de houtvester van Gooiland, ten opzichte van Loosdrecht 1755-1777 (met retroacta) 1 omslag 25 Commissie van de Staten van Holland en Westfriesland, voor Cornelis Heyblom, als baljuw van Mijnden, de beide Loosdrechten en Tekkop, alsmede Loenen-Hollands 1734. (gelijkt, afschr.) 1 omslag 26 Oude inventarissen van stukken behorende tot het archief der ambachtsheerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten (19de eeuws) 1 pak 2.2. Ordonnantiën en reglementen 2.2.1. Ordonnantiën en reglementen uitgaande van de gewestelijke en provinciale besturen van Holland en Utrecht 27 "Generaal register op alle ordonnantiën, placcaten en publicatien van de Staten en op het merendeel der resolutiën der Gecommitteerden Raden, betreffende de invordering der gemene middelen over Holland en West-friesland, 1749-1777" 1778 (gedrukt) 1 deel 28 Ordonnantie tegen het mestrekken etc. in Loosdrecht, uitgaande van de stadhouder en het hof van Holland 1607 1 omslag 29 Reglementen voor de inwoners van Loosdrecht, tot het vormen van een nachtwacht, uitgaande van de Staten van Holland en Westfriesland 1719 en 1763 1 omslag 30 Ordonnantie op de schouwen in de Vecht, Nieuwe Grifte, Vaartse en Kromme Rijn, uitgaande van de Staten van Utrecht 1720 1 deeltje Achterin een desbetreffende publicatie uit 1722 NB 31 Ordonnantie op de impost van het gemaal, vastgesteld door de Staten van Holland en Westfriesland 1750 (gedrukt) 1 deeltje 32 Publicatie aangaande het verhuren van huizen, kamers, keukens en achterhuizen, uitgaande van het hof van Holland, met approbatie van de ambachtsvrouwe, (in triplo) 1762 1 omslag 33 Publicaties van de provisionele Repraesentanten van het volk van Holland, betreffende het vervallen verklaren van prerogatieven en geldelijke voordelen verbonden aan het bezit van ambachtsheerlijkheden, en bezwaarschriften hierop van S.M. v.d. Poll, ambachtsvrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, (minuut) 1795 (met retroacta) 1 omslag 34 Reglement voor de criminele en civiele rechtbank van Loosdrecht, vastgesteld door het Departementaal Bestuur van Holland, (gedrukt) 1804 1 katern 35 Reglement op het bestuur ten platten lande in de provincie Utrecht, vastgesteld bij Kon. Besluit van 23 Juli 1825, (in duplo) 2 delen 2.2.2. Publicaties, ordonnantiën en reglementen uitgaande van de ambachtsheren (-vrouwen) van Mijnden en de beide Loosdrechten en andere autoriteiten 36 Reglement en tarief voor de schippers, die varen van Loosdrecht op Utrecht en Amsterdam, uitgaande van Jacoba Maria van Reede, vrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten 1695. Met alphabetische lijsten van de in het tarief vermelde goederen 1 pak 37 Publicaties, ordonnantiën etc, uitgaande van de ambachtsheren (-vrouwen) van Mijnden en de beide Loosdrechten 1698-1766 38 Ontwerp-reglementen, 1692, 1696 en 1808-1814, voor de heerlijkheid en de gemeente Loosdrecht en reglementen voor het gemeentebestuur 1802 en 1804 1 omslag 2.2.3. Ordonnantiën en reglementen uitgaande van het gerecht van Loosdrecht en van de baljuw van Loosdrecht, Mijnden en Tekkop 39 Buurordonnantiën en extracten van buurordonnantiën van Loosdrecht 1592-1715, 1726 en 1761 1 omslag 40 Publicaties etc, uitgaande van de ambachtsheer en van het gerecht van Loosdrecht 1675 en 1702-1779, (ten dele gedrukt) 1 omslag 41 Generaal reglement, in het algemeen betrekking hebbend op de schouw over de dijken, het uitwateren, vissen etc, uitgaande van Jeronimus de Haze de Georgio, ambachtsheer van Mijnden en de beide Loosdrechten, en van schout en schepenen van Loosdrecht c. 1715 1 katern 42 Reglement uitgaande van het gerecht op de keuring van broeiend hooi, brandordonnantiën en andere stukken betreffende de brandbeveiliging in de beide Loosdrechten 1717, 1784 en 1816 43 Ordonnantie uitgaande van het gerecht en de ambachtsheer betreffende de wijze van procederen voor het gerecht van Loosdrecht, (in duplo), en reglement op het salaris van de procureurs, (concepten) c. 1750 1 omslag 44 Ordonnantie voor de baljuwschappen Loosdrecht, Mijnden en Tekkop, uitgaande van de baljuw, met approbatie van de Staten van Holland en Westfriesland, en publicatie tegen het schenden van de Zondagsrust 1664 en 1765 1 omslag 2.2.4. Ordonnantiën en reglementen vastgesteld door andere autoriteiten 45 Ordonnantie voor de commissaris, schippers en bestelder op Hilversum, 's Graveland, Kortenhoef en de beide Loosdrechten, uitgaande van de regering der stad Amsterdam, (in duplo) 1722 2 deeltjes 46 Reglement op de vrachtlonen van schippers van Maarssen op Amsterdam, uitgaande van de ambachtsvrouwe van Maarssen 1769 1 omslag 47 Reglement en instructie op het veer en voor de schippers van Loenen op Amsterdam en Utrecht, uitgaande van de vrouwe van Kronenburg etc 1775, gelijkt, afschr.) 1 katern 48 Reglement betreffende de vervening van de Hollandse Ankeveense Heintges Rak en Broekes polders onder het gerecht van Weesperkarspel 1778 1 deeltje 49 Reglement voor de belasting op turf in de irreguliere veenderijen, vastgesteld bij Kon. Besluit van 7 Maart 1818 2.3. Goederenbeheer 2.3.1. Algemeen 50 Stukken betreffende de voorrechten, inkomsten en lasten aan het bezit der ambachtsheerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten verbonden (1706-1745) 1 pak 51 Aantekeningen "betreffende de heerlijkheden Mijnden en de "beide Loosdrechten, met daarbijbehorende lasten inkomsten en rechten, en enige adviezen voor zijn opvolger, opgesteld door Mr. Z.H. Alewijn 1781-1785 1 omslag 52 Register, bevattende optekening van de voorrechten en inkomsten, alsmede de lasten der heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten, aangelegd c. 1810 1 deel Voorin een index op de onderwerpen NB 53 Verhuurcedullen van landerijen, toebehorend aan ambachtsheren van Mijnden en de beide Loosdrechten 1755-1762 en 1818-1839 1 omslag Opgesteld door de ambachtsheer en het gerecht; na 1798 door een commissie, aangesteld door het Departementaal bestuur, bestaande uit ingezetenen van Loosdrecht; na 1814 door het gemeentebestuur NB 2.3.2. Eigendomsbewijzen 2.3.2.1. Loosdrecht (en Hilversum) 54 Eigendomsbewijs van een perceel weiland in Oud-Loosdrecht, tussen de Heereweg en de Snel, voor Anthony Broes, afkomstig van Meyndert Boelhouwer, 1783. Met oudere brief, 1753 (afschr. d.d 1784) 1 charter en 1 stuk Betreft nos. 197 en 198 van Sectie C, Oud-Loosdrecht NB 55 Eigendomsbewijs van een huis en hofstede genaamd "Heyzigt", gelegen bij de Krom in Nieuw-Loosdrecht, voor Dirk Bernardus Jankneg, schoolmeester en secretaris van het gerecht te Loosdrecht, afkomstig van Anna Johanna van de Wetering, weduwe van Mr. Jan Mijnssen jr., in leven schout en secretaris van Loosdrecht, 1767. Met oudere brief, 1765 2 charters Betreft nos. 319, 320 en 326 van Sectie C, Nieuw-Loosdrecht NB 56 Eigendomsbewijs van een perceel bouwland in Nieuw-Loosdrecht bij het St. Anne-pad, voor Jan Stadelaer, afkomstig van Gijsbert Cornelis Otten en Hendrik Bakker, in de qualiteit van voogd over de onmondige kinderen van wijlen Cornelia Otten, 1805, Met schuldbekentenis groot 320 gld. wegens de koop van dit stuk land, 1805, en kwitanties voor de bepaalde rente 1805-1807 1 charter en 1 omslag Betreft no. 481 van Sectie C. Nieuw-Loosdrecht NB 57 Kwitantie, afgegeven door Jan en Cornelia de Bree, wegens de door Jan Elias Hacke van Mijnden betaalde koopsom, voor twee percelen land te Nieuw-Loosdrecht 1878 1 stuk Betreft nos. 496 en 507 van Sectie C, Nieuw-Loosdrecht NB 58 Eigendomsbewijs van een weiland gelegen in de "Leegelap" in Nieuw-Loosdrecht, voor Annetje de Graaf, afkomstig van de executeurs over de boedel van wijlen T.H. van Hoorn, heer van Noordwijkerhout, 1794. Met een acte waarbij Willem de Graaf belooft aan J.E. Hacke van Mijnden, of zijn erfgenamen, het testament van wijlen Annetje de Graaf te zullen geven, indien J.E. Hacke van Mijnden dit nodig mocht hebben, om zijn eigendomsrecht over het voorn, stuk te bewijzen, 1822 1 stuk en 1 charter Betreft nos. 509 en 510 van Sectie C, Nieuw-Loosdrecht NB 59 Eigendomsbewijs van twee kampen weiland en enig bouwland, gelegen aan de Rade in Nieuw-Loosdrecht, voor Teunis Staal in Diemermeer, afkomstig van Hendrik Barmentloo te Amsterdam, 1798. Met oudere brieven 1774, 1775, 1777 en 1791 5 charters Betreft nos. 511 en 512 van Sectie C, Nieuw-Loosdrecht NB 60 Eigendomsbewijs van een perceel bouwland in Nieuw-Loosdrecht, voor S.M. v.d. Poll, weduwe van Mr. Zacharias Henric Alewijn, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten, afkomstig van Arnoldus Gobels en Alida Wildeman, echtelieden, 1802. Met oudere brief 1738 2 charters Betreft nos. 819, 820 en 826 van Sectie C, Nieuw-Loosdrecht NB 61 Eigendomsbewijs van diverse percelen land gelegen in Nieuw-Loosdrecht, tesamen 12 morgen, 537 roeden groot, strekkende van de dijk tot de Rade, voor Jan Stade-laer, afkomstig van J.S. van Naamen, heer van Scherpenzeel, 1796. Met oudere brief, 1794 2 charters Betreft nos. 864 en 865 van Sectie C, Nieuw-Loosdrecht NB 62 Kwitantie, afgegeven door Jan en Cornelia de Bree, wegens de door Jan Elias Hacke van Mijnden betaalde koopsom, voor een perceel land te Nieuw-Loosdrecht 1878 1 stuk Betreft no. 934 van Sectie C. Nieuw-Loosdrecht NB 63 Kwitantie, afgegeven door N.J. van Limmik jr. en M. de Vries, wegens de door C.J. Hacke van Mijnden betaalde koopsom, voor enige percelen land in Hilversum en een perceel water in Loosdrecht 1886 1 stuk Betreft no. 829 van Sectie C Nieuw-Loosdrecht NB Acten van belening van de navolgende personen met een stuk land, tussen de Loosdrechtse dijk en de Kortenhoefse Rading, in Loosdrecht, door de heer van Loenersloot 64 Abraham de Sadelaer, na opdracht door Cornelis Claes Meyerden 1678 1 charter 65 Anthonis de Sadelaer, na dode zijns vaders Abraham de Sadelaer 1682 1 charter 66 Johan Voet, echtgenoot van Magdalena de Sadelaer, na dode van Anthonis de Sadelaer, haar vader 1698 1 charter 67 Gijsbert Voet van Winssen, echtgenoot van Anna Elisabeth Voet, enige dochter en erfgename van Magdalena Sadelaer, na dode harer moeder 1718 1 charter 68 Paulus Voet van Winssen, na dode zijner moeder Anna Elisabeth Voet 1734 69 Mr. Lieve Geelvinck, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten etc., als gehuwd met Anna de Haze, na opdracht door Paulus Voet van Winssen 1734 70 Eigendomsbewijs van een perceel bouwland, gedeeltelijk in Loosdrecht gelegen, en het land genaamd de "Beterschap", gelegen boven de Rade, voor Jan Willemsz, de Bree, afkomstig van Gerrit Dolman te Loosdrecht 1802 1 charter 71 Eigendomsbewijs van het huis Sijpesteyn en bijbehorende landerijen, voor Tijmen Lotz, afkomstig van Quirina Catharina van Freisheim, weduwe van Mr. Jean Paul Hoeufft, te Leiden 1804 1 charter 72 Contract van verpachting van een stuk bouwland in Nieuw-Loosdrecht, door S.M. v.d. Poll, vrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, aan Dirk van der Horst 1817 (in duplo) 2 stukken 2.3.2.2. Aarlanderveen 73 Acte van scheiding der nalatenschap van Sijtgen Cornelisdochter van Wieringen, echtgenote van Jacob Cornelis Verhaer, w.o. land in het Zuideinde van Aarlanderveen en veenland in het Noordeinde, dat verdeeld wordt tussen Jacob Cornelis Verhaer en zijn zoon Cornelis Jacobszoon Verhaer, 1664. Met oudere brief 1653 2 charters 74 Eigendomsbewijs van een huis en erf met het land daarachter gelegen, in het Noordeinde van Aarlanderveen, voor Sara van Banchem, weduwe van Mr. Daniel van Alphen Danielszoon, afkomstig van Willem Jochemszoon c.s 1736 1 charter 75 Eigendomsbewijs van een schuur en twee stukken veenland, gelegen ten westen van de Aarlanderveense dijk te Aarlanderveen, voor Cornelis Zuydervaart, afkomstig van Cornelis Dirkszoon Hogeveen 1756 1 charter 76 Eigendomsbewijs van twee stukken veenland, gelegen ten westen van de Aarlanderveense dijk te Aarlanderveen, voor Maarten Zuydervaart, voor 2/3 deel, en Cornelis Zuydervaart, voor 1/3 deel, afkomstig van Cornelis baron van Aarssen, heer van Aarlanderveen 1763 1 charter 2.3.2.3. Demmerik 77 Koopcontract en kwitanties van een boerenhofstede met wei-en hooilanden, in het gerecht van Demmerik te Velde, voor Cornelis Gentenaar, veehouder, afkomstig van Jan Dasveld en Maria van der Meer, 1811. Met oudere brieven 1771 en 1798, en volmacht tot waarneming harer belangen, door Maria van der Meer, weduwe van Jacob van Blaricum, gegeven aan Jan Verhoeven 1811 1 omslag en 2 charters 2.3.2.4. Velsen 78 Eigendomsbewijs van de boerenwoning "Het huis te Velzen", de stukken land, genaamd de "Kamp en Rampt" en de "Ginderse Dammer", in Velserbroek, alsmede 14/100 parten in de duinen, voor Gerrit Blauw te Amsterdam, afkomstig van Cornelia van dollen, weduwe van Cornelis Huift, 1749. Met oudere brieven 1679, 1685 en 1723 4 charters 79 Eigendomsbewijs van een huis, erf en land, gelegen tussen Velsen en Santpoort, in de ban van Velsen, voor Andries de Valck, afkomstig van Cornelis Cornelissen Decker 1700 1 charter 80 Eigendomsbewijs van een boerenwoning c.a. te Driehuis, met weiland en twee morgen hooiland in Velserbroek etc., voor Cornelia Eliana Scott, weduwe van Jan van der Bosch, afkomstig van Gijsbert Louriszoon Smacker en Lijsbet Jans, echtelieden 1727 1 charter 81 Eigendomsbewijs van een stuk weiland aan de Driehuizerweg onder het ambacht Velsen, voor Mr. Nicolaas Faas, schepen en raad van Amsterdam, afkomstig van Gerrit Blauw te Amsterdam, 1771. Met oudere brief, 1752 2 charters 2.3.3. Belastingen en retributiën 82 Optekeningen van ontvangen heergewaden en erfpachten 1708-1798, 1 pak Verschillende jaren ontbreken NB 83 Conditiën van verpachtingen van de tienden van koren en andere veldvruchten in de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten 1725-1761, 1790-1796, 1799-1810 en 1815 1 pak De jaren 1792, 1793, 1795, 1801, 1802 en 1805 ontbreken NB 84 Brieven, nota's en afrekeningen over de tiendverpachtingen in de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten 1859-1864 1 omslag 85 Uitspraken van de Tiendcommissie in het 4de tienddistrict betreffende de vastgestelde schadeloosstellingen voor C.J. Hacke van Mijnden, ambachtsheer van Mijnden en de beide Loosdrechten, wegens verval der tiendplichtigheid van elf tiendblokken onder de gemeente Loosdrecht 1909-1914 1 pak Hierbij ook een beschrijving van de openbare verkoping der tienden onder Loosdrecht en der heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten, 1856 NB 86 Memoriën van bezwaren, van eigenaars van land in de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten, betreffende de aangifte gedaan, door G.J. Hacke van Mijnden, aan de Tiendcommissie in het 4de tienddistrict te Utrecht, omtrent de, aan de ambachtsheer toekomende krijtende tiende en tienden op veldvruchten 1909-1911 1 pak 87 Stukken betreffende het geschil tussen Anna de Haze, ambachtsvrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, en Adriaan Hogeveen, pachter van de Loenerveense sluis, en de hoofdingelanden van Loenerveen over de verpachting en de opbrengst van de tol van de voorn, sluis, en het vissen in de molenvliet 1727-1756 (met retro-acta) 1 omslag 88 Voorwaarden, schuldbekentenissen en verbintenissen van personen om recognitiegelden aan de ambachtsheer te zullen betalen, voor door hem gegeven ambten of consenten tot venen in Loosdrecht 1677 en 1692-1814 1 pak 89 Stukken betreffende het proces gevoerd door Sara Maria v.d. Poll, weduwe van Mr. Zacharias Henric Alewijn, contra Pieter Sol, Pieter Vonck en Hendrik Sijpesteyn, over het niet-betalen van recognitiegelden, verbonden aan het secretarisambt, aan de voorn. ambachtsvrouwe van Mijnden etc 1803-1804 1 pak 90 Lijst van alle huizen in de ambachtsheerlijkheid Loosdrecht, met vermelding van de verponding en de door de bewoners te gebruiken grond 1698 1 omslag 91 Lijsten van huis- en kalvergelden in de heerlijkheid Loosdrecht, 1712-1747, 1737-1755 (restanten) 1752-1755 en 1764-1767 1 omslag 92 Lijst van restanten van ordinaris- en extra-ordinaris verpondingen, zeedijksgeld en huisgeld 1746-1751 en 1754/1755 1 omslag 93 Request van Anna de Haze, ambachtsvrouwe van Mijnden etc., aan het gerecht van Loosdrecht, betreffende haar recht tot vorderen van huisgeld van de ingezetenen van Loosdrecht (met concepten) 1747 1 omslag 94 Stukken betreffende het voor de korenmolen te Loosdrecht aan de heer betaalde windgeld 1718-1754 1 omslag 95 Kohieren van het roetaalgeld van de Loosdrechtse en Loenerveense veenderijen; Loosdrecht, 1726-1729 en 1732-1737; Loenerveen, 1726-1729 en 1732-1737; Loosdrecht en Loenerveen 1738-1761 1 pak 96 Stukken betreffende de ontvangst van uitkooppenningen, armenpenningen, roetaalgelden, tienden etc 1762-1847 1 omslag 97 Rekeningen van secretaris D.B. Jankneg, afgelegd aan de heer van Mijnden etc., wegens ontvangst van uitkooppenningen, armenpenningen, roetaalgelden, tienden etc. en daarentegen gedane uitgaven 1767/1768-1776/1777 en 1777-1779 1 pak Met begeleidende brief van D.B. Jankneg bij de rekening over 1779 NB 97-a Lijsten van roetaalgelden van Loosdrecht en Loenerveen 1735-1750 1 pak 98 Lijsten van roetaalgelden van Loosdrecht en Loenerveen 1769-1795 (1789 ontbreekt), 1795/1796-1805/1806, 1806-1811, 1813, 1815, 1816 (restant) en 1829-1831 1 pak In 1786, 1788, 1790-1793 zijn ook huis- en kalvergelden opgenomen, in 1790 bovendien aardappeltiende NB 99 Lijsten van roetaalgelden en armenpenningen van de voorlanden in Loosdrecht 1767, 1768, 1778-1780, 1795/1796-1805/1806 en 1806-1810 1 pak 100 Kohier van roetaalgelden van voorlanden aan de Oudeen Schinkeldijk in Loosdrecht c. 1775 1 deeltje 101 Stukken betreffende het geschil tussen S.M. v.d. Poll, ambachtsvrouwe van Mijnden etc. en het gemeentebestuur van Loosdrecht, over de recognitiegelden van nieuwgeveende landen en de slijkpenningen, die tot dien tijd de ambachtsheer (-vrouwe) toekwamen 1799 1 omslag 2.3.4. Andere stukken van financiële aard Kwitanties voor de ambachtsheren (-vrouwen) van Mijnden en de beide Loosdrechten 102 Kwitanties voor door de ambachtsheer aan de polder van Loenerveen betaald molengeld en gelden voor de reparatie van bruggen en sluizen 1752, 1766, 1774-1787, 1831 en 1835 1 omslag 103 Kwitanties voor door de ambachtsheer betaalde verponding, over Mijnden, 1768, 1773-1787, over Loosdrecht 1768, 1773-1787 1 omslag 104 Kwitanties voor door de ambachtsheer betaalde extra-ordinaris verponding, n.l. de 100ste penning over zijn huizen en de 200ste penning over zijn landerijen in Loosdrecht 1769, 1774-1788 (1786 ontbreekt) 1 omslag 105 Kwitanties voor door de ambachtsheer betaalde extra-ordinaris verponding, n.l. de 100ste penning over zijn huiden en de 200ste penning over zijn landerijen in Mijnden 1769, 1774-1788 1 omslag 106 Kwitanties voor door de ambachtsheer betaald huisgeld over Loosdrecht 1774-1788 1 omslag 107 Kwitanties, gegeven door de buurmeester van Loosdrecht, aan Z.H. Alewijn, heer van Mijnden etc., wegens uitkering uit de opbrengst van de tol van de Mijndersluis 1774-1788 1 omslag 108 Kwitanties voor door de ambachtsheer betaalde Zeeburgslasten over Loosdrecht 1774-1836 1 omslag 109 Kwitanties van lasten, schoolgelden etc., betaald door de erven van wijlen M.C. Alewijn, geb. Trip, ambachtsvrouwe van Mijnden etc., door Gillis Alewijn, heer van Mijnden, en door de erven van Gillis Alewijn 1828-1835 1 pak Ten dele geliasseerd NB 110 Overeenkomst tussen C. Hacke, predikant te Haarlem, H. Quartfort, predikant te Doorn, J. Elias en T.H. Pauw wonende te Loosdrecht, waarbij T.H. Pauw zich verbindt vier certificaten uitgestelde schuld en vier kansbrieven, ieder van 1000 gld., die zij tezamen bezitten, te zullen beheren en bij uitloting etc. verantwoording te zullen afleggen 1815 1 stuk 111 Register van ter leen verstrekte gelden en daarvan betaalde rente 1850-1865 1 deeltje Registertjes van inkomsten en uitgaven 1862-1898 3 deeltjes 112-1 1862-1865 112-2 1866-1888 112-3 ? Aantekeningen over de wekelijkse ondersteuning voor de armen in Mijnden Loosdrecht etc., 1866, 1867 en 1866-1868. Met een brief van A.M.E. Elias aan de weduwe J. Elias over deze uitkeringen, 1854 3 deeltjes en 1 stuk 113-1 Aantekeningen over de wekelijkse ondersteuning voor de armen in Mijnden Loosdrecht etc., 1866, 1867 en 1866-1868. Met een brief van A.M.E. Elias aan de weduwe J. Elias over deze uitkeringen, 1854 113-2 Aantekeningen over de wekelijkse ondersteuning voor de armen in Mijnden Loosdrecht etc., 1866, 1867 en 1866-1868. Met een brief van A.M.E. Elias aan de weduwe J. Elias over deze uitkeringen, 1854 113-3 Aantekeningen over de wekelijkse ondersteuning voor de armen in Mijnden Loosdrecht etc., 1866, 1867 en 1866-1868. Met een brief van A.M.E. Elias aan de weduwe J. Elias over deze uitkeringen, 1854 114 Administratie "Steun aan armen" o.a. in Mijnden en Loosdrecht, volgens testamentaire bepaling van mevrouw Elias 1873-1888 1 deeltje 115 Kasboek van weeklonen en rekeningen ten laste van de heer van Mijnden, met enige aantekeningen over inkomsten 1880-1883 1 deeltje 2.4. Leenkamer der heerlijkheid Mijnden Leenregisters van het huis Mijnden 1682-1802 7 delen De delen, gemerkt A-D zijn systematisch ingedeeld volgens de leengoederen. Die, gemerkt E en P en het laatste deel bevatten de inschrijvingen in chronologische volgorde NB 116 1682-1705 Gemerkt A Voorin is een plecht uit 1725, geroieerd 1737, ingeschreven NB 117 1550-1692 Gemerkt B. Voorin een tafel van de leengoederen NB 118 1550-1695 Gemerkt C. Voorin een lijst van leenmannen, c. 1650, alsmede een tafel van de leengoederen NB 119 1711-1727 Gemerkt D. Voorin een tafel van de leengoederen NB 120 1749-1781 Gemerkt E. Achterin een tafel NB 121 1782-1796 Gemerkt P. Achterin een tafel NB 122 1796-1802 Ongemerkt. Achterin een tafel NB Leenregisters van het huis Mijnden 1682-1746 4 delen Afschriften, vermoedelijk tussen 1746 en 1749 vervaardigd NB 123 1682-1705 Gemerkt A NB 124 1550-1692 Gemerkt B NB 125 1550-1695 Gemerkt G NB 126 1708-1746 Gemerkt D. Met latere aanvullingen NB 127 Octrooi, door Anna de Haze, weduwe van Lieve Geelvinck, ambachtsvrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, gegeven aan Wijna van Lennep, om te mogen beschikken over haar leengoederen 1746 1 charter 128 Acte van belening van Quirina Catharina baronesse van Freisheim, na dode van Joan Prederik Theodoor baron van Freisheim, door Mr. Zacharias Henric Alewijn, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten, met de hofstede genaamd Sijpesteyn, te Loosdrecht in de Zijp 1781 1 charter 129 Lijsten van leengoederen, behorende tot de leenkamer der heerlijkheid Mijnden, met aantekening der beleningen c. 1625-c. 1715, opgemaakt omstreeks 1718 1 omslag 130 Memoriën van achtereenvolgende verlijen en van lenen van Mijnden, volgens enige leenboeken, met aantekening van de verschuldigde heergewaden, c. 1668 en 1784, en stukken en brieven betreffende deze memoriën 1782-1784 1 omslag 131 Requesten van bezitters van leengoederen aan de ambachtsheer (-vrouwe) van Mijnden en de beide Loosdrechten, en stukken desbetreffende, om daarover bij testament te mogen beschikken, en voorts tot het ontslag uit de leenplicht van bepaalde goederen, tegen in de plaatsstelling van andere goederen 1692-1781 1 omslag 132 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, tussen Willem de Gruyter, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten, en Jasper van Lynden, omtrent het geschil over de afgifte van het archief van de leenkamer van Mijnden aan de voorn, ambachtsheer 1703-1713 1 Pak en 2 charters 2.5. Rechten 2.5.1. Toezicht op het dorpsbestuur van Loosdrecht 133 Rekeningen van de buurmeesters van het dorp Loosdrecht 1701/1702, 1725/1726-1760/1761, 1766/1767-1794/1795, 1804/1805-1808/1809 en 1810-1814 (afschriften) 1 pak Het boekjaar begint van 1730 af op 1 Februari, in de voorgaande jaren op verschillende dagen in Maart of April. Van 1810 af valt het samen met het kalenderjaar NB 134 Voorwaarden van verkopingen, ten overstaan van schout, buurmeesters en schepenen van Loosdrecht, van akkers, voorlanden, huizen, aanbesteding van verpondingen etc., in Loosdrecht 1727, 1729, 1750 en 1766 3 katerns 2.5.2. Patronaatsrecht over de kerken van Oud-Loosdrecht en Nieuw-Loosdrecht 2.5.2.1. Kerk van Oud-Loosdrecht 135 Rekeningen van de kerkmeesters van Oud-Loosdrecht, 1764/1765-1814/1815 1825, 1826, 1828, 1830 en 1832 (afschriften 1 pak , Voor 1815 begint het "boekjaar op 2 Februari. De afhoring dezer rekeningen geschiedde door de ambachtsheer. <br/>Zie de rekeningen 1732/1733-1761/1762 onder Inv. no. 150 NB 136 Stukken betreffende het verhogen van de vloer in de kerk van Oud-Loosdrecht 1735-1755 1 omslag 137 Stukken betreffende het verhandelde tussen de weesmeesters en de kerkeraad van Oud-Loosdrecht, aangaande de slechte toestand hunner armenkassen en het zoeken naar middelen om daarin verbetering te brengen 1747-1789 en 1807 (met retroacta) 1 pak Hierbij de nieuwe weesordonnantie van Loosdrecht, 1769 NB 138 Reglementen aangaande het schoolmeesters- voorzangers- voorlezers-kosters-gravenmakers-klokken-luiders-ambt in Oud-Loosdrecht 1729, 1806 1 omslag , Hierbij twee verbintenissen van kosters aangesteld in Oud-Loosdrecht, 1729 en 1748 NB 139 Stukken betreffende het ambt van schoolmeester etc, en de school in Oud-Loosdrecht 1729-1802 1 omslag Hierbij een lijst van dagelijks in Oud-Loosdrecht schoolgaande kinderen, 1735 NB 2.5.2.2. Kerk van Nieuw-Loosdrecht 140 Vidimus der acte d.d. 1400, waarbij Frederik van Blankenheim, bisschop van Utrecht, de kapel in de Zijpe tot parochiekerk verheft en aan Wouter van Mijnden en zijn rechtverkrijgenden het collatierecht verleent, gegeven door het hof van Utrecht, 1647. Met een afschrift, 1647, en vertalingen uit 1647 en de 18de en 19de eeuw 1 charter en 1 omslag (zie Reg. no. 1).Genummerd: 140x en 140xx, beiden in enveloppen in charterafdeling NB 141 Rekeningen van de kerkmeesters van Nieuw-Loosdrecht 1702/1703, 1729/1730-1731/1732, 1764/1765-1796/1797, 1799/1800, 1803/1804-1811/1812 en 1832 (afschriften) 1 pak Voor 1812 begint het boekjaar op 1 Februari. Zie de rekeningen 1732/1733-1761/1762 onder Inv. no. 150. Achter de kerkmeestersrekening 1764/1765-1765/1766 is die van de weesmeesters van Nieuw-Loosdrecht opgenomen NB 142 Stukken betreffende het verhogen van de vloer van de kerk van Nieuw-Loosdrecht 1736-1753 1 omslag 143 Stukken betreffende het geschil tussen de kerkmeesters en het gemeentebestuur van Loosdrecht, over het voldoen van de reparatie-onkosten van de kerktoren in Nieuw-Loosdrecht 1798-1803 1 omslag 144 Een fundatiebrief van het recht van patronaatschap en collatie", door Dr. G. Vellenga 1906 (Gedrukt) 1 deeltje Betreft het collatierecht van de kerk te Nieuw-Loosdrecht NB 145 Besluit genomen door schout, buurmeester, schepenen en kerkmeesters van Nieuw-Loosdrecht, omtrent de begrafenistarieven, het openen der graven etc., na de laatste verhoging der kerkvloer 1678 1 katern 146 Reglementen aangaande het schoolmeesters- voorzangers-voorlezers.kosters-gravenmakers-klokkenluiders-ambt in Nieuw-Loosdrecht 1807 1 omslag Hierbij een beroepsbrief met voorwaarden waaraan de schoolmeester moet voldoen, 1674 NB 2.5.2.3. Kerken van Oud-Loosdrecht en van Nieuw-Loosdrecht 147 Stukken betreffende het beroepen van predikanten te Loosdrecht, in verband met het aan de ambachtsheer toekomende patronaatsrecht 1701-1823 1 pak 148 Stukken betreffende het geschil tussen Anna de Haze, ambachtsvrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, en de ingezetenen van Loosdrecht, over de uitoefening van het patronaatsrecht, o.a. bij het beroepen van predikanten 1749-1750 (met retroacta) 1 omslag 149 Stukken betreffende het doen van afstand van het recht tot aanstellen van predikanten in Loosdrecht, door J.C. Hacke van Mijnden, ambachtsheer van Mijnden etc., ten bate van de gemeenteleden 1859-1862 1 omslag 150 "Kerckmeesters Reeckeningen". Register, bevattende afschriften van de rekeningen der kerkmeesters van Oud-Loosdrecht en van Nieuw-Loosdrecht 1732/1733-1761/1762 1 deel 151 Requesten betreffende het maken van eigen banken of het verkrijgen van zitplaatsen in de kerken van Oud- en Nieuw-Loosdrecht 1685-1758. Met een lijst dezer stukken en met enkele plattegronden 1 pak 152 Publicaties en andere stukken betreffende het zitten in de bank van de ambachtsvrouwe en andere vaste banken door onbevoegden in de kerken van Oud- en Nieuw-Loosdrecht 1747-1758 1 omslag 2.5.3. Stukken betreffende toezicht op het vervenen 2.5.3.1. Verlenen van consent tot venen door de ambachtsheren of -vrouwen van Mijnden en de beide Loosdrechten 153 Reglementen, extracten uit ordonnantiën en aantekeningen betreffende het aan de ambachtsheer toekomende recht van visitatie, heffing van boeten en verlening van consent tot venen etc 1561-1726 1 pak Ten dele in afschrift NB 154 Register van concessies om te mogen slagturven in de heerlijkheden Mijnden en Loosdrecht 1695-1799 1 deel Voorin een index op de namen der concessionarissen NB 155 Register van permissiën, verleend om te mogen slagturven in de ambachtsheerlijkheden Mijnden en Loosdrecht, met aantekening van de daaruitkomende gelden voor de ambachtsheer 1726-1762 1 deel 156 Requesten om te mogen venen of slagturven in het gerecht Loosdrecht, ingekomen bij de ambachtsheren 1697-1817, 1831-1834 en 1838 (oorspr. en afschr.) 1 pak 157 Lijsten van landerijen, die verveend woeden, met aantekening, of daarvoor vergunning is verleend 1684-1731 1 omslag Ten dele geliasseerd NB 158 Lijst van veengerechtigden in de Loosdrechtse veenderij' 1738 1 katern 159 Meetcedullen van landerijen in het gerecht Loosdrecht en requesten om te mogen venen in voorn.gerecht 1754-1846 3 liassen en 2 pakken 160 Stukken betreffende een verzoek van het gemeentebe-stuur van Loosdrecht om toestemming tot verkoop en vervening van het Boomwijkse meentje in Loosdrecht 1805 1 omslag 161 Stukken betreffende moeilijkheden van Anna de Haze met ingezetenen van Loosdrecht, over het recht van de ambachtsvrouwe om vergunning tot venen te mogen weigeren 1749-1750 1 omslag 162 Stukken betreffende de deling van landerijen in Oud- en Nieuw-Loosdrecht, uit de boedel van wijlen Paul Voet van Winssen, tussen Margaretha Isabella Harskamp, zijn weduwe en erfgename, en J.H.G. de la Vega, echtgenoot van Johanna Magdalena Voet van Winssen, alsmede betreffende het vervenen van het aan laatstgenoemden toegevallen land 1751 1 omslag 163 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, door Anna de Haze, ambachtsvrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, tegen Ariën de Liefde c.s., over het vervenen van hun eigendommen in Loosdrecht 1752-1754 1 pak 164 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holla.nd en Westfriesland, door Anna de Haze, ambachtsvrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, tegen Marritge Elbertse van 't Endt, weduwe van Cornelis Hendriksz. Schoenmaker, c.s., over het vervenen van zekere stukken land in Loosdrecht zonder consent 1758-1759 1 pak 2.5.3.2. Schouw op het venen 165 Publicaties, notificaties etc. betreffende het venen in het gerecht Loosdrecht 1614-1781 1 omslag 166 Reglementen op het vervenen van de Loosdrechtse voorlanden 1777-1807 1 omslag 167 Reglementen op de veenderijen in de provincie Utrecht 1832 en 1852 1 omslag 168 Schouwcedullen betreffende het venen in het gerecht van Loosdrecht 1724-1811 Ten dele in duplo. Verschillende jaren ontbreken NB 169 Lijsten der blinden van de veenlieden in Loosdrecht en Loenerveen 1733 en 1734 3 delen Een blind of blind land wil zeggen: onder water staande grond (Woordenboek der Nederlandse taal). <br/>Uit de blinden werd slijk opgebaggerd, dit werd op akkers uitgespreid om te drogen; was het gedroogd, dan begon men met het steken van de turf. Deze gang van zaken wordt met de naam van slagturven aangeduid NB 170 Stukken betreffende vervolgingen wegens overtredingen bij het venen in de ambachtsheerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten 1699-1741, 1750 en 1770 1 pak 171 Stukken betreffende het vervenen van de Loosdrechtse voorlanden bij de Oude- en Schinkeldijk en het geven van voorschriften dienaangaande 1717-1807 1 pak 172 Stukken betreffende het request van Mr. Zacharias Henric Alewijn, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten, aan de Staten van Holland en Westfriesland, tegen het vervenen van ondiep veenland in het gerecht Loosdrecht 1781-1786 1 omslag 173 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, tussen Jasper van Lynden, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten, en Pieter Boudewijn van Lockhorst, baljuw van Loosdrecht etc., over de visitatie van het slagturven en de inkomsten uit de daarbij opgelegde boeten 1630-1631 1 omslag 174 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het gerecht van Loosdrecht, door Lieve Geelvinck, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten, tegen Jacob Schipper en Cornelis Hendriksz. Schoenmaker c.s., wegens het op ongeoorloofde wijze van venen in het gerecht Loosdrecht 1732-1739 1 pak 175 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, door Anna de Haze, vrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, tegen Hendrik Cornelisz. Schoenmaker, omtrent het geschil over het meten en venen van een stuk land, genaamd de Stormkamp, de akker de Motketel, en over het verbreden van een sloot bij de Schinkeldijk in Loosdrecht 1757-1761 1 pak en 1 charter 176 Stukken betreffende de processen, gevoerd voor het gerecht van Loosdrecht en het hof van Holland en Westfriesland, door Mr. Zacharias Henric Alewijn, heer van Mijnden en de beide Loosdrechten, tegen Pieter de Nooy, Jacob Gijsbertse Schipper en Jacob de Vries c.s., wegens het venen zonder vergunning, het te smal venen en het leggen van slijk op de te smal geveende akkers 1784-1786 1 pak 177 Stukken betreffende het geschil tussen S.M.v.d. Poll, vrouwe van Mijnden etc., en het gemeentebestuur van Loosdrecht, over de veenschouw, in het bijzonder van een strook voorland aan de Alambertskade 1798 1 omslag 2.5.3.3. Waarborgsgelden van Loosdrecht en Loenerveen 178 Stukken betreffende de opgave van de gelden van het waarborgsfonds van Loosdrecht en Loenerveen en andere fondsen, belegd in obligaties ten laste van de provincie Holland en Westfriesland, en van waterbrieven, aan het Departementaal bestuur van Holland en de commissarissen van polder- en waterzaken uit het Gedeputeerd bestuur van Holland 1794-1804 (met retroacta) 1 omslag 179 Stukken betreffende het geschil tussen het gerecht van Loosdrecht en de poldermeesters van Loenerveen, over het beheer der obligaties van de waarborgs-penningen van Loenerveen 1746 1 omslag 2.5.4. Stukken betreffende het recht van de ambachtsheer van Mijnden en de beide Loosdrechten tot het aanstellen van functionarissen in zijn heerlijkheden Registers van commissiën van functionarissen en beambten in de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten 1687-1815 2 delen 180 1687-1761 Gemerkt A NB 181 1761-1815 Gemerkt B NB 182 Requesten van verschillende personen aan de ambachtsheer van Mijnden etc., om aanstelling in een ambt of om hun beroep in Loosdrecht te mogen uitoefenen 1724-1842 1 pak 183 Eedsformulieren voor schout, schepenen en andere functionarissen in de heerlijkheden Mijnden en de beide Loosdrechten 18de eeuw, 1 omslag Hierbij ook de eed voor personen die schade opgeven, geleden door de inkwartiering van Pruisische troepen in Loos-drecht, 1791 NB 184 Stukken betreffende aanstellingen, en voordrachten tot aanstelling, van personen door ambachtsheer van Mijnden en de beide Loosdrechten 1674-1675 en 1703-1838 1 pak 185 Stukken betreffende de aanstelling van een vroedvrouw in Loosdrecht 1748 1 omslag 186 Stukken betreffende het geschil tussen de gerechtsbode en de baljuw van Loosdrecht, over de aanstelling van een tweede gerechtsbode 1707 (met retroacta 1674-1706) 1 omslag Ten dele geliasseerd NB 187 Stukken betreffende het geschil tussen Jacoba Maria van Reede, als gevolmachtigde van haar zoon Steven van Lynden, heer van Mijnden etc., en Gerbrand Pancras c.s., als afgevaardigden van de ingelanden van Loosdrecht, over de aanstelling van de minderjarige Paulus Emtinck tot waarsman van Zeeburg en Diemerdijk 1690-1691 1 omslag 188 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor de Hoge Raad van Holland, tussen Jeronimus de Haze de Georgio en Jasper van Lynden, over de bekleding van het ambt van schout in het gerecht van Loosdrecht door laatstgenoemde 1706-1710 1 omslag 189 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het gerecht van Loosdrecht, door Simon Emtinck, hoofd-baljuw van Loosdrecht etc., tegen Mr. Bernardus Roebers, chirurgijn, over het uitoefenen van het chirurgijnschap door laatstgenoemde in het gerecht van Loosdrecht 1730-1731 1 omslag 190 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, door Anna de Haze, vrouwe van Mijnden etc., tegen Jacob Mol, baljuw van Loosdrecht etc., over het aanstellen van schepenen-crimineel door de ambachtsvrouwe 1759-1760 1 pak 191 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, door Mr. Zacharias Henric Alewijn, heer van Mijnden etc., tegen de procureur-generaal van Holland en Westfriesland, wegens het geschil gerezen over de aanstelling van schepenen-crimineel in Loosdrecht door de ambachtsheer, na de aanstelling van Jacob Mol tot baljuw van Loosdrecht etc 1769-1778, 1 pak en 1 stuk (gezegeld en op perkament) Mr. Zacharias Henric Alewijn vervolgt hiermee het proces van Anna de Haze NB 192 Criminele sententie der Gecommitteerde Rade van Holland en Westfriesland, tegen Pieter van Lingen, gewezen secretaris van Loosdrecht, wegens door hem gepleegde verduisteringen 1652 (gelijkt, afschr.) 1 stuk 2.6. Stukken betreffende het toezicht op de weeskamers 2.6.1. Oud-Loosdrecht 193 Ordonnantie voor de weeskamer van Loosdrecht, vastgesteld door Anthony van Mijnden, ambachtsheer van Mijnden en de beide Loosdrechten 1569. Gewaarmerkt afschrift, 1618 1 deeltje 194 Rekeningen van de weesmeesters van Oud-Loosdrecht 1764/1765-1793/1794, 1804/1805-1607/1808 en 1831 (afschriften) 1 pak Het boekjaar begint op 2 Februari. Zie de rekeningen 1732/1733-1761/1762 onder Inv. no. 196 NB 2.6.2. Nieuw-Loosdrecht 195 Rekeningen van de weesmeesters van Nieuw-Loosdrecht 1765/1766-1796/1797, 1803/1804-1805/1606 en 1806-1808 (afschr.) 1 pak Het boekjaar begint op 1 Februari. <br/>Zie de rekeningen 1732/1733-1761/1762 ander Inv. no. 196, die over 1764/1765-1765/1766 bevindt zich achter de kerkmeestersrekening van Nieuw-Loosdrecht, Inv. no. 141 NB 2.6.3. Oud- en Nieuw-Loosdrecht 196 "Weesmeesters Reeckeningen". Register, bevattende afschriften van de rekeningen der weesmeesters van Oud- en van Nieuw-Loosdrecht 1732/1733-1761/1762 1 deel 2.7. Polderzaken 2.7.1. Schouw van polders, dijken en wegen 197 Nieuw-reglement en schouweedul voor de polder van Mijnden, uitgaande van Jacoba Maria van Reede, vrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten 1699 (in duplo) 1 omslag 198 Reglement van orde en schouw in de Mijndense polder 1831 (gedrukt) 1 katern 199 Publicaties en stukken betreffende maatregelen genomen tot beter onderhoud van dijken en wegen in het gerecht van Loosdrecht 1692-1779 1 omslag 200 Reglement op de wegen en wateringen in Loosdrecht, uitgaande van Anna de Haze, vrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten c. 1750 2 delen 201 Stukken betreffende het Utrechtse Zandpad tussen Breukelen en Ouderkerk 1683-1740 1 omslag 2.7.2. Uitwatering van Mijnden en Loosdrecht 202 Requesten aan de ambachtsheer (-vrouwe) van Mijnden en de beide Loosdrechten, om doorvaarten te mogen verdiepen en verbreden, en om bomen te mogen aanplanten etc 1752-1809 1 omslag 203 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Utrecht, door Paulus Emtinck, hoogheemraad van Zeeburg Diemerdijk voor Loosdrecht, c.s., tegen de poldermeester en hoofdingelanden van Tienhoven en Breukelerveen c.s., over de gemeenschappelijke Loosdrecht-Tienhoven-Breukelerveense polder, voor zover het het malen en de uitwatering in de Weer-landen aangaat 1684-1704 1 pak 204 Stukken betreffende het proces, gevoerd voor het hof van Holland en Westfriesland, door Anna de Haze, vrouwe van Mijnden en de beide Loosdrechten, tegen de hoofdingelanden van 's-Gravenland, over het inlaten van water door de Zuidersluis en het gebruik van de vaart tussen de voorn. sluis en de Drecht 1751-1768 (met retroacta, oorspr. en afschr.) 205 Stukken betreffende de Muidersluis 1681-1692 1 omslag 206 Stukken betreffende het verbreden en verdiepen van de Muyeveldse wetering 1718-1759 1 omslag 207 Beschrijving van de stand van zaken met betrekking tot het ontworpen kanaal uit de Drecht naar de Eem, met vermelding van voordelen, die het graven zal opleveren, benevens requesten van belanghebbenden aan de Departementen van Holland en Utrecht, dat deze hun goedkeuring tot het graven ervan zullen geven 1801 1 katern 208 Stukken betreffende geschillen over de uitwatering en de verhuring van de Naarderkerke- of Vullingslanden, gelegen in Loosdrecht 1646-1821 1 omslag Incompleet NB 2.7.3. Zeeburg en Diemerdijk 209 Register van gedijkslaagden van de Zeeburg en Diemerdijk, gelegen tussen Amsterdam en Muiden 1742 1 deel 210 Generale rekeningen van inkomsten en lasten van het hoogheemraadschap Zeeburg en Diemerdijk 1726-1748, 1753, 1758, 1767-1779, 1781-1787, 1790-1793, 1795-1831 (1817 en 1827 ontbreken) en 1837-1853 (gedrukt) 3 pakken 211 Stukken betreffende het onderhoud en schouwen der dijken etc. onder toezicht staande van het hoogheemraadschap Zeeburg en Diemerdijk 1533-1678 (oorspr. en afschr.) 1 omslag 212 Stukken betreffende de afrekening en het accoord van het gerecht van Loosdrecht met de erfgenamen van wijlen Eduard Emtinck, in leven hoogheemraad van Zeeburg Diemerdijk voor Loosdrecht, wegens door hem ten behoeve van de Zeeburg Diemerdijk ontvangen gelden etc 1679-1732 1 omslag 213 Sommaties, van het hoogheemraadschap Zeeburg en Diemerdijk, aan de heemraden van Kortenhoef, Breukelen, Abcoude en Nichtevecht, de achterstallige zeedijks-gelden af te dragen 1683 1 omslag 2.7.4. Andere stukken 214 Stukken betreffende het kappen en snoeien van bomen bij het huis Oostervecht, die de naburige watermolen wind ontnemen 1725 (met retroacta) 1 omslag 215 Berekening van kosten van de aanleg ener kade ter bescherming van Mijnden en de beide Loosdrechten tegen inundatie door doorbraak van de Lekdijk 1747 1 katern 216 Volmachten van de ambachtsheer (-vrouwe) van Mijnden etc., voor Jan Danielsz. Scholenaar, Adriaan Hogeveen en Hendrik van Veen om hem voor verschillende waterschaps- en andere zaken te vertegenwoordigen 1730-1761 1 omslag 217 Stukken betreffende de bekleding van het dijkgraafschap door de ambachtsheren van Mijnden en de beide Loosdrechten 1700, 1752 en 1818 1 omslag 218 Accoord, vastgesteld door de Hoge Raad van Holland, Zeeland en Westfriesland, tussen Cornelis Vlooswijk, heer van Vlooswijk etc., benevens enige andere ingelanden van Loenerveen enerzijds, en de poldermeesters van Loenerveen anderzijds, betreffende de wijze van onderhoud en bestuur van de Loenerveense polder 1659 1 katern (perkament) 219 Stukken betreffende het geschil tussen de poldermeesters van Loenerveen en het gerecht van Loosdrecht, over de schouw door voorn, poldermeesters zonder daarin het gerecht te kennen, over het venen, de Veen- en Horndijk, de uitwatering etc 1756 1 omslag 220 Bijzonder reglement voor het waterschap Loenerveen, gelegen in de gemeente Loosdrecht 1865 (gedrukt) 2.8. Varia 2.8.1. Stukken van verschillende aard 221 Stukken betreffende het herstel van de omstreeks 1715 door de bliksem getroffen toren van Loenen, en het bijeenbrengen van de daarvoor benodigde gelden in de heerlijkheid Mijnden 1746-1747 1 omslag 222 Lijst van personen, genaamd Sijpesteyn, te Oud- en Nieuw-Loosdrecht, met vermelding hunner ouders en geboortedata 1731-1828. 19de eeuw 2 stukken 223 Lijst van Pausen van 45 tot 1800 3 stukken 224 "Herinneringen". Aantekeningen betreffende persoonlijke wetenswaardigheden van Dr. Jan Conrad Hacke, heer van Mijnden 1865-1866 Van dit deel zijn slechts 3 bladzijden beschreven NB 225 Dagboek gemaakt tijdens een reis door Italië De hierin vermelde datum: 19 Mei 1ste Pinksterdag, wijst er op dat dit dagboek in 1850, 1861 of 1872 is aangelegd NB 226 Vertaling door Dr. Jan Conrad Hacke van het Vagevuur van Dante in het Nederlands 1 pak 221 Aantekeningen over veekeuringen, met vermelding van door de heer van Mijnden daarbij gewonnen prijzen 1895-1904 1 deel 2.8.2. Gedrukte stukken 228 Beschouwingen betreffende de oorsprong der waterschappen en polderbesturen in de provincie Utrecht, door H.A. Laan c. 1855 (gedrukt) 1 deeltje 229 Bestek en voorwaarden van de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek "Loosdrecht" en de directeurswoning te Loosdrecht 1852 1 deeltje Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 1874 en 1875 8 kaarten De kaarten zijn zowel op papier als op linnen gedrukt NB 230-1 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 230-2 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 230-3 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 230-4 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 230-5 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 230-6 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 230-7 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 230-8 Atlas van het hoogheemraadschap Amstelland, met de kaarten der vijf districten, benevens Bijleveld, Kockengen en Spengen 231 Verslag omtrent oude gemeente- en waterschapsarchieven in de provincie Utrecht over 1888 1889 1 deeltje Hierin wordt ook gesproken over de ordening van het oud-archief der gemeente Loosdrecht NB 232 Een bijdrage tot de geschiedenis van de Vecht tussen Utrecht en Muiden, door Jhr. P.H.A. Martini Buys 1903 (gedrukt) 1 deeltje 2.8.3. Stukken, waarvan het verband tot het archief niet gebleken is 233 Mandement tot dagvaarding voor de Hoge Raad van Holland, Zeeland en Westfriesland, van dijkgraaf en heemraden 's Lands van Altena, ten verzoeke van Johan Mathenes Niclaeszoon, ambachtsheer van Giessen, en schout en Binnen Bansche heemraden van Giessen, in hun geschil over de schouw van de steenstraat in het ambacht Giessen, bij de dijk van Altena 1612 1 charter 234 Acte van huwelijksvoorwaarden, gepasseerd voor notaris Nicolaas Listingh te Amsterdam, tussen KJan Claaszoon van Beuningen en Johanna Pollio 1667 1 charter 235 Acte waarbij Alexander Widenburgh, ontvanger-generaal van het College der Admiraliteit in Friesland, verklaart aan Evert Jansen Oosterbaan en Wijbran Rin-ners, kooplieden te Harlingen, gegeven te hebben 3 Thoner, van ieder 1000 carolus gld., ten laste van de provincie Friesland, voor geleverd touwwerk 1703 (afschr.) 236 Schuldbekentenis, groot f. 87:16:-, voor Clara Wilhem, ten laste van Frederik Hoevenaar, echtgenoot van Mirriam de Nijs, welk bedrag zij na één jaar tegen 4% rente moet aflossen 1711 1 stuk 3. Bijlage 3.1. Regest 1 Frederik van Blankenheim verheft, op verzoek van Wouter van Mijnden, ridder, en vele anderen, de kapel in de Zijpe tot parochiekerk, op voorwaarde, dat de moederkerk in Loosdrecht een schadevergoeding krijgt en aan de nieuwe 'kerk in de Zijpe en haar pastoor goederen geschonken zullen worden, terwijl Wouter van Mijnden, ridder, en zijn erfgenamen het collatie-recht verkrijgen. 1400, April 9. (anno nativitatis domini millesimo quadringentesimo, feria sexta post dominicam qua cantatur in eoclesiam Dei Judica.) Gevidimeerd door het hof van Utrecht in de brief van 14 December 1647. (Inv.no. 140). NB