Archief der heerlijkheden heeswijk en achthoven

207 inventaris van het archief der heerlijkheden heeswijk en achthoven 0 9999 207 heerlijkheden heeswijk en achthoven Het Utrechts Archief Openbaarheid volledig openbaar Titel inventaris inventaris van het archief der heerlijkheden heeswijk en achthoven Titels nadere toegangen Geen nadere toegangen 1. Inleiding De heerlijkheden Heeswijk en Achthoven waren ten Oosten van Montfoort ter weerszijden van de Hollandse IJsel gelegen (Heeswijk ten Zuiden, Achthoven ten Noorden van de IJsel) en werden door de burggraven van Montfoort in leen gehouden van het Sticht. In 1648 werd Achthoven door de laatste burggraaf van Montfoort: Ferdinand Philips de Merode verkocht aan Anthonis Charles Parmentier, deken van het kapittel van Oudmunster en geëligeerde in de Staten van Utrecht. Een jaar later werd deze koop geannuleerd (invent. no. 19: dorsale notitie op het koopcontract), maar terstond daarna werd de heerlijkheid weer aan Parmentier verkocht, nu echter tezamen met de heerlijkheid Heeswijk, de visserij in de beide Wiericken en nog 44 morgen land onder Achthoven. Sedert dit jaar (1649) worden de beide heerlijkheden steeds in één leenbrief verenigd. De burggraaf heeft mogelijk deze twee heerlijkheden aan Parmentier verkocht om de grote lasten waarmee zij bezwaard waren (zie het koopcontract d.d. 12 Juni 1649, invent. no.3; en de invent. no. 21 t7m 27), hoewel dit belast zijn alleen van de 44 morgen land onder Achthoven en het visrecht in de beide Wiericken uitdrukkelijk wordt gezegd, terwijl er verder slechts gesproken wordt over (de rente uit; de heerlijkheid en "goederen" van Montfoort. Het feit echter, dat Heeswijk al eens wegens schulden verkocht is geweest (invent. no. 9) doet vermoeden, dat bij deze "goederen" van Montfoort ook Heeswijk in het geding is. Overigens past deze verkoop ook geheel in het streven van de familie de Merode om haar Noord-Nederlandse bezittingen van de hand te doen en zich geheel te concentreren op haar goederen in de Zuidelijke Nederlanden (zie de inleiding op de inventaris van het archief van de heren van Montfoort, bladzijde 3)" De verkoop van Heeswijk en Achthoven heeft namelijk plaats. gehad in dezelfde tijd waarin de Staten van Utrecht het burggraafschap van Montfoort kochten (contract van de burggraaf met de Staten d.d. 4 juli 1648, contract van de burggraaf met Parmentier d.d. 12 Juni 1649). De heerlijkheden blijven slechts gedurende twee generaties in het geslacht Parmentier. Anthonis Charles Parmentier wordt na zijn overlijden in 1666 gevolgd door zijn zoon Carel. Deze vermaakt beide heerlijkheden in 1728 aan zijn achterkleinzoon Hendrik van Utenhove, heer van Amelisweerd, die na zijn kinderlood overlijden in 1767 krachtens testament opgevolgd wordt door zijn achterneef Maurits Carel van Utenhove, heer van Bottestein, wiens zoon Maximiliaan Louis van Utenhove (beleend in1781 de beide heerlijkheden tussen 1799 en 1810 verkoopt aan zijn oom: mr. Johan Balthazar Strick van Linschoten (+ 1820). De goederen blijven dan in het geslacht Strick van Linschoten: Jan Carel Wendel (+ 1850) en diens zoon: mr. Johan Balthazar (+ 1889), door wiens erfgenamen de goederen met het daaraan verbonden recht van tiendheffing in 1905 ten overstaan van notaris G.A. de Gelder te Montfoort werden verkocht aan H.J.F. Muller te Gorinchem. In 1951 werd het archief door een kleinzoon van jhr. mr. J.B. Strick van Linschoten: mr. E. van Beusekom aan het Rijksarchief in de provincie Utrecht geschonken. Het archief dateert grotendeels uit de 17e en 18e eeuw. De diverse eigendomsbewijzen en de overige stukken, die op de heerlijkheden in het algemeen betrekking hebben, vormen met de stukken betreffende de aan de heerlijkheden verbonden rechten, welke vermeld staan in het koopcontract van 1649 (invent. no. 3), in het archief de inv.nrs. 1-48. In de loop der tijden hebben de heren van Heeswijk en Achthoven zich echter enige rechten erbij verworven, namelijk het visrecht in de IJsel en in de stadsgrachten van Montfoort en verschillende tienden, te vinden in afdeling B. Verder hadden de heren van Heeswijk en Achthoven door de ligging hunner heerlijkheden bemoeiïngen met meerdere heemraadschappen. Als heer van Heeswijk, gelegen in de Lopikerwaard, hadden zij te maken met het hoogheemraadschap van de Lekdijk Benedendams. Als heer van Achthoven hadden zij het recht om voor het waterschap Bijleveld en de Meerndijk. waaronder Achthoven ressorteerde, een der heemraden aan te stellen (zie het koopcontract, invent. no. 3), terwijl zij voor elk van hun beide heerlijkheden ook een heemraad benoemden voor het heemraadschap van de IJsel (schouwbrief van 1652, invent. no. 93). Tenslotte benoemden zij, weer als heer van Heeswijk, twee van de zes heemraden voor het heemraadschap van de Z.-IJseldijk (schouwbrief van 1676, invent. no. 95). Van deze en andere bemoeiingen der heren met al deze heemraadschappen wordt in het archief de neerslag gevormd door inv.nrs. 75-99. Onder de inv.nrs. 100-108 zijn ondergebracht een aantal stukken, waarvan het verband met Heeswijk en Achthoven niet gebleken is. Voorts werden twee charters aangetroffen, die bij het archief van de heren van Montfoort bleken te behoren. Waarschijnlijk zijn zij in het archief van Heeswijk en Achthoven terechtgekomen door toedoen van A.C. Parmentier, die in 1650 als sterfman van de Staten van Utrecht met het burggraafschap van Montfoort werd beleend (archief der Staten van Utrecht, invent. no. 448), hetzij dat ze hem bij de verkoop van Heeswijk en Achthoven in 1649 zijn overgedragen, hetzij dat hij ze zich tijdens de waarneming van het burggraafschap heeft toegeëigend. Aangezien in het archief van de heren van Montfoort meer stukken van deze aard berusten, zijn zij daar weer teruggebracht. Tenslotte werd een omslag betreffende de aanstelling van nieuwe schutmeesters voor de schutterij van Montfoort in 1651, welke evenzo in het archief van Heeswijk en Achthoven werd aangetroffen, naar het Montfoortse stadsarchief teruggebracht. 2. Inventaris 2.1. Stukken betreffende de heerlijkheden in het algemeen 2.1.1. Algemeen 2.1.1.1. Heeswijk en Achthoven 1 Verzoekschrift van Anna Maria Sidonia, geboren gravin van Bronkhorst en Batenburg, weduwe van Florens de Merode, burggraaf van Montfoort, als voogdes over haar zoon Ferdinand Philips de Merode aan het Hof van Utrecht om haar opdracht te verlenen de rechten van haar zoon te bewaren tegen de maarschalk van Montfoort en de procureur-generaal (na 1638) (minuut) 1 katern 2 Inventaris van stukken, betrekking hebbend op Heeswijk en Achthoven uit de jaren 1589-1654 1 stuk 3 Stukken betreffende de verkoop van de heerlijkheden Achthoven en Heeswijk, van de visserij in de Wiericken en van 44 morgen land onder Achthoven door Ferdinand Philips de Merode aan Anthonis Charles Parmentier 1649-1650 2 charters en 1 omslag 4 Acte van Belening van Carel Parmentier door de Staten van Utrecht met het gerecht en de tins van Heeswijk en van Achthoven na dode zijns vaders Anthonis Charles Parmentier 1666. Met latere acten van belening, 1728-1781 4 charters en 1 stuk (gewaarmerkt afschrift) 5 Resolutie van Gedeputeerde Staten van Utrecht tot wijziging van de leenbrieven d.d. 31 Juli 1650 ten behoeve van Anthonis Charles Parmentier voor de heerlijkheden Heeswijk en Achthoven, en d.d. 10 Augustus 1650 ten behoeve van jonker Willem Ploos van Amstel voor het gerecht van Willeskop 1654 1 stuk 6 Publicatie van de Staten van Utrecht aan hun vasallen en leenmannen om de uitgegeven lenen te komen verheffen 1737, (gedrukt) 1 stuk 7 Publicatie van het Provinciaal Bestuur van Utrecht betreffende het lossen en afkopen van alle provinciale erfpachten, oudeigens, tinsen en uitgangen 1797 (gedrukt) 1 stuk 8 Brieven van Maximiliaan Louis van Utenhove, waarbij hij zijn rechten op de heerlijkheden Heeswijk en Achthoven, op de tienden van Achthoven, op de tienden onder Achthovan aan de Meerndijk en op de krijtende tienden binnen stad en vrijheid van Montfoort aantoont, van welke rechten bij de Eerste Kamer van het Wetgevend Lichaam der Bataafse Republiek aangifte is gedaan 1799 (minuut) 1 omslag 2.1.1.2. Heeswijk 9 Arrest van het Hof van Utrecht, waarbij Jan van Botteycken In den eigendom van het gerecht, de tins en de tienden van Heeswljk wordt bevestigd, nadat hij na toewijzing van zijn eis tegen Johan, burggraaf van Montfoort, tot publieke verkoop van gerecht, tins en tienden van Heeswijk wegens het niet voldoen ener schuld aan eiser, zelf genoemd gerecht, tins en tienden had gekocht 1579 1 katern (op perkament) In dorso gemerkt: A NB 10 Arrest van het Hof van Utrecht in een proces tussen Gerrit Sas, administrateur van de goederen van Montfoort en gevolmachtigde van de heer en vrouwe van Moriaumes en Montfoort, ter ener zijde en Ida Roeloffsdochter, weduwe van Johan van Botteycken, met Coenraedt Strlck, echtgenoot van Maria dochter van Johan van Botteycken, ter anderer zijde betreffende de eigendom van het gerecht, de tins en de tienden van Heeswijk, waarbij de eis van genoemde Gerrit Sas niet ontvankelijk wordt verklaard en de gedaagden in dien eigendom worden gehandhaafd 1599 1 katern (op perkament) 11 Stukken betreffende het proces van revisie tussen Philips de Merode en Maria van Botteycken met Coenraedt Strick, echtelieden, als erfgenamen van Johan van Botteycken over de eigendom van de heerlijkheid Heeswijk 1599-1602 1 omslag 12 Oude processtukken en kwitanties, gediend hebbende in het proces van revisie tussen Philips de Merode en Maria van Botteycken met Coenraedt Strick, echtelieden, als erfgenamen van Johan van Botteycken over de eigendom van Heeswijk 1580-1588 1 omslag 13 Aantekeningen aangaande het geschil tussen de heer van Montfoort en Coenraedt Strick over een rente uit de heerlijkheid Heeswijk en het later door hen gemaakte accoord (c. 1601) 1 katern 14 Memorie voor de rentmeester van Montfoort betreffende het voldoen van enige rekeningen ten behoeve van Maria van Botteycken, het lichten van de transportbrief van Heeswijk en van een tweetal sententies van het Hof van Utrecht 1602 1 stuk 15 Memorie van door de rentmeester betaalde gelden van de 40-ste penning en andere onkosten 1602 1 stuk 16 Acte van overdracht van 2 hond en 30 roeden land onder Heeswijk door Johan de Ridder, commandeur te Montfoort, en de vicarissen aldaar aan de kameraar en heemraden van de Legenblezen, Achtersloot en Meerloo of het Broeck ten behoeve van deze waterschappen, 1591 (afschrift c. 1650). Bevattend een aantekening betreffende het transport van 7 morgen land aan de heer van Heeswijk, 1652. Met een ander afschrift van deze acte 1 omslag 17 Brieven van de dijkgraaf en hoogheemraden van de Lopikerwaard aan Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, als ambachtsheer in de Lopikerwaard, met het verzoek om in IJselstein de gemene landsrekening van de Lopikerwaard te komen afhoren 1651-1653 1 omslag 18 Brief van de dijkgraaf en de hoogheemraden van de Lopikerwaard aan Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, als ambachtsheer in de Lopikerwaard naar aanleiding van de verkoop van enige percelen land, strekkende van de kerkweg van Montfoort af tot de landscheiding van Benschop, door de Staten van Utrecht om in een vergadering de aankoop van deze grond, tezamen met enige percelen van Benschop rechtstreeks naar Lopik, te bespreken ten einde dan op die grond een kade aan te leggen 1679 1 stuk 2.1.1.3. Achthoven 19 Stukken betreffende de verkoop van de heerlijkheid Achthoven door Ferdinand Philips de Merode aan Anthonis Charles Parmentier 1648-1649 1 omslag 20 Brief van Jan Webster aan Anthonis Charles Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, betreffende de scheiding tussen Achthoven en de uitterdijk van Mastwijk en de betaling van de tins 1656. Met bijlage (gedrukt) 2 stukken 2.1.1.4. Stukken aangaande financiële transacties met betrekking tot de heerlijkheden 21 Stukken betreffende de bezwaring ener rente, groot fl. 1500 's jaars, uit de goederen van Montfoort aan Margaretha de Merode toekomende, door Guillaume de Merode en Margaretha de Merode, echtelieden 1642-1648 1 charter (gecancelleerd) en 1 omslag 22 Overeenkomst tussen Guillaume de Merode en Margaretha de Merode, echtelieden, betreffende een scheiding hunner goederen 1644 (notariëel afschrift d.d. 1648) 1 stuk 23 Stukken betreffende de overeenkomst tussen Margaretha de Merode en Ferdinand Philips de Merode, burggraaf van Montfoort, aangaande Margaretha's jaarlijkse rente uit de goederen van Montfoort en het aan haar uitbetalen van fl. 5000 tot supplement van haar legitieme portie 1648 1 omslag 24 Overeenkomst tussen Margaretha de Merode en Pauwels Vivien betreffende een lening van fl. 8000 door Vivien aan Margaretha de Merode 1648 1 stuk 25 Verklaring van G. van Cortenes, dat Margaretha de Merode een hypotheek van fl. 2100 hoofdsom gevestigd heeft op 44 morgen land onder Achthoven 1648 1 stuk 26 Stukken betreffende de cautie de judicato solvendo gesteld door Anthonis Charles Parmentier ten behoeve van Margaretha de Merode 1648-1651 1 omslag 27 Notariële acte, waarin een door Guillaume de Merode ondertekende acte ten behoeve van Thomas de Sart te Luik wordt geannuleerd 1649. Met afschrift van de hiervan aan de Sart gedane aanzegging, 1649 1 stuk 2.1.1.5. Belastingen 2.1.1.5.1. Heeswijk en Achthoven 28 Extract uit de eerste rekening van Nicolaes de Vogelaer van de inkomsten van de 7-de penning uit de tienden met betrekking tot Achthoven, Heeswijk en Kolenberg over het jaar 1588 (afschrift c. 1650) 1 stuk 29 Extract uit de acte van repartitie van de dubbele verhoging der qm5tisatie over het gewest Utrecht in het jaar 1630 betreffende het land van Montfoort, met specificatie 1654 1 stuk 30 Schatting van de waarde der tienden uit Heeswijk en Achthoven, berekend over de jaren 1762-1767 1 stuk 31 Memorie van de jaarlijkse betaling van Heeswijk en Achthoven aan quotisatie, consumptie, logiesgeld en huisgeld, 1654. (Met concept). Met een staat betreffende de omslag van de quotisatie over de morgentalen in Kokkengen-Lokhorstgerecht, Portengen en Ruwiel, 1650 1 omslag 2.1.1.5.2. Heeswijk 32 Manuaal van het morgengeld van Heeswijk (c. 1625) 1 katern 33 Stukken betreffende het verzoek van de buren van Heeswijk aan de Staten van Utrecht om het morgengeld te mogen omslaan over allen, die in de polder van Heeswijk land gebruiken, 1645 (gewaarmerkte afschriften d.d. 1650). Met verklaringen van de secretarissen van Lopik en Hoenkoop, dat aldaar de consumptie en de quotisatie over alle grondgebruikers gelijkelijk worden omgeslagen, 1650 1 omslag 34 Restantcedulle van het haardstedegeld, familie- en oud-schildgeld voor Heeswijk 1704 1 katern 2.1.1.5.3. Achthoven 35 Manuaal van het morgengeld van Achthoven (c. 1625) 1 katern 36 Restantcedulle van het haardstedegeld, familie- en oud-schildgeld voor Achthoven 1704 1 katern 2.1.2. Uitoefening van de aan de heerlijkheden verbonden rechten 2.1.2.1. Recht van naasting en nakoop Recht van naasting: het recht om in geval van verkoop van onroerend goed te treden in de plaats van de koper. (mr. S.J. Fockema Andreae: Oud-Nederlands Burgerlijk Recht: II 268) Nakoop: koop krachtens het recht van naasting NB 37 Stukken betreffende het voor het Hof van Utrecht gevoerde proces tussen Ferdinand Philips de Merode met Anthonis Charles Parmentier enerzijds en de geërfden van Heeswijk anderzijds over het recht van naasting en nakoop, dat tezamen met de heerlijkheid Heeswijk door Ferdinand Philips de Merode aan Parmentier is verkocht 1649-1655 1 omslag 38 Verklaring van Godschalk van Halmale tot Heulensteyn betreffende de verkoop van een perceel land onder Heeswijk aan Heyltgen Jansdochter, 1655. Met verklaring van Heyltgen Jansdochter, weduwe van Jan Jansz. Schinckel, dat zij de naasting van dit perceel aan de heer van Heeswijk heeft aangeboden, maar dat dit door hem is geweigerd, 1655 1 stuk 39 Optekening van het verhandelde in een vergadering der ingelanden van Heeswijk om te komen tot afkoop van het den heer van Heeswijk toekomende recht van naasting en nakoop van landerijen in de heerlijkheid 1656 1 stuk 40 Naamlijst van geërfden in Heeswijk, die het accoord van naasting aldaar ondertekend hebben (c. 1656) 1 stuk 41 Advies van H.M.A.J. van Asch van Wijck, dat in geval van vererving van landerijen onder de heerlijkheid Heeswijk en Achthoven het recht van naasting niet door de heer der heerlijkheid kan worden uitgeoefend, noch de bij accoord van 1656 daarvoor in de plaats gestelde betaling kan worden gevorderd 1806 1 katern 2.1.2.2. Recht van zwanendrift 42 Verzoekschrift van Godschalk van Halmale, heer van Heulensteyn, maarschalk van stad en lande van Montfoort, aan de Staten van Utrecht om een verbod te mogen uitvaardigen betreffende het varen in de grachten van Montfoort en het schieten van de zwanen en andere watervogels en het roven van de eieren, welk verbod speciaal den Kastelein en zijn kinderen zal gelden, met apostille, 1658. Met relatie van de pander, dat hij den Kastelein aanzegging van het verbod heeft gedaan, 1659 1 katern 43 Publicatie van Charles Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, waarbij verboden wordt de watervogels in de grachten van Montfoort te schieten of hen van eieren of jongen te beroven 1662 (minuut) 1 stuk 44 Stukken betreffende de verpachting van het riet in de grachten van Montfoort door de heer van Heeswijk, en de verzorging van de zwanen, over de jaren 1684-1704 en 1708-1723 1 omslag 2.1.2.3. Aanstellen van schout, schepenen, secretaris en bode in Heeswijk en Achthoven, en van een heemraad op Bijleveld en de Meerndijk 45 Acte van bevestiging door Philips de Merode van de aanstelling van Henrick Cornelisz. tot schout van Achthoven en Heeswijk en tot heemraad van Bijleveld en de Meerndijk 1630 1 stuk 46 Commissie voor Hendrick Cornelisz. van Maeslandt tot substituut-schout van Heeswijk en Achthoven met bevestiging zijner commissie als heemraad van Bijleveld en de Meerndijk d.d. 1630 door Annan Maria Sidonia van Bronkhorst-Batenburg, burggravin van Montfoort 1642 1 charter In dorso is geplaatst de bevestiging van Hendrick Cornelisz. van Maeslandt als substituut-schout van Heeswijk en Achthoven en als heemraad van Bijleveld en de Meerndijk door Ferdinand Philips de Merode, 1647 NB 47 Commissie voor Dirck Cornelisz. van Maeslandt tot schout van Heeswijk en Achthoven gedurende het leven van zijn broeder Hendrick Cornelisz. van Maeslandt, die uit zijn ambt is ontzet, door Anna Maria Sidonia van Bronkhorst-Batenburg, burggravin van Montfoort 1642 1 charter In dorso is geplaatst de bevestiging van Dirck Cornelisz. van Maeslandt als schout van Heeswijk en Achthoven door Ferdinand Philips de Merode, burggraaf van Montfoort, 1647 NB 48 Acte van aanstelling van Hendrick Cornelisz. van Maeslant tot schout van Heeswijk en Achthoven door Anthonis Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven 1654. (minuut) 1 stuk 2.2. Stukken betreffende de overige rechten van de heren van Heeswijk en Achthoven 2.2.1. Visrecht in de IJsel en in de stadsgrachten van Montfoort 49 Privilegebrief van Sweder, burggraaf van Montfoort, ten behoeve van zijn schutten te Montfoort, waarin hij hun onder meer de visrechten in de grachten van Montfoort geeft 1363 (afschrift d.d. 1655) 1 stuk 50 Privilegebrief van Johan, burggraaf van Montfoort, ten behoeve van zijn schutten te Montfoort, waarin hij hun onder meer geeft het visrecht in de IJsel van IJselstein af tot de negen viertelen in Heeckendorp 1559 (extract) (afschrift uit het begin der 17-de eeuw) 1 stuk 51 Extracten uit de rekening en de aantekeningen van de rentmeester van Montfoort betreffende de visserij in de stadsgrachten en de huur van een bos, uit de jaren 1658-1661 1 omslag Stukken betreffende het uitgeven in erfpacht van de visserij in de IJsel door de schutterij van Montfoort aan de heer van Heeswijk 52 Contract, waarbij de schutterij van Montfoort aan Anthonis Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, de visserij in de IJsel, voor zover deze aan haar toebehoort, voor 30 gulden 's jaars in erfpacht geeft 1659 1 stuk 53 Acte, waarbij de hoofdmannen van de Montfoortse schutterij ten overstaan van de maarschalk van Montfoort de visserij in de IJsel, strekkende van het land van IJselstein af tot de negen viertelen in Hekendorp, aan Anthonis Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, in erfpacht geven 1659 1 charter 54 Request van de schutmeesters en hoofdmannen der stad Montfoort aan de Staten van Utrecht tot het verkrijgen van goedkeuring op de uitgifte in erfpacht van hun visrecht in de IJsel aan de heer van Heeswijk, met apostille 1659 1 stuk 55 Kwitanties van de schutterij van Montfoort aan de heer van Heeswijk voor diens erfpacht van de visserij in de IJsel over de jaren 1660-1665 2 stukken 56 Stukken met betrekking tot de erfpacht van de visserij in de IJsel door de heer van Heeswijk 1660-1666 1 omslag 57 Stukken betreffende het op verzoek van Carel Parmentier door het Hof van Utrecht uitgevaardigde verbod om te vissen in de grachten van Montfoort en in de IJsel 1669-1671 1 omslag 58 Volmacht van Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, aan Johannes van Oudenallen om voor hem in het geheel of in percelen de visserij in de IJsel te verhuren, en ieder, die zonder Parmentiers.toestemming daarin vist, te beboeten 1691 (minuut) 1 stuk 59 Pachtovereenkomsten tussen Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, en verschillende personen betreffende de visserij in de IJsel en de grachten van Montfoort 1674-1722 1 omslag 60 Brief van de schout, de burgemeesters en raden van Montfoort aan Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, betreffende het voldoen aan de voorwaarde van het geven en nemen van nieuwe erfpachtsbrieven in geval van vervreemding of versterf en met het verzoek om bewijsstukken voor het visrecht van Parmentier in de stadsgrachten van Montfoort 1714 1 stuk 61 Brief van de magistraat van Montfoort aan Carel Parmentier met het verzoek de buitengrachten van Montfoort te doen uitbaggeren en van riet vrij te maken, zodat de waterloop hersteld wordt, 1714. Met het antwoord van Parmentier op deze brief, 1715 (minuut) 2 stukken 62 Request van de heer van Heeswijk aan de Staten van Utrecht ter verkrijging in erfpacht van het visrecht in de stadsgrachten van Montfoort, met apostille, 1659. Met aangehechte verklaring betreffende de afkoop dezer erfpacht, 1797, en bijgevoegde acte van registratie van deze afkoop, 1797 1 omslag 63 Brieven van het gemeentebestuur en briefwisseling van de burgemeester van Montfoort met verschillende personen betreffende hun visrecht in de stadsgrachten van Montfoort 1797-1876 1 omslag 64 Stukken betreffende de verpachting van het visrecht in de IJsel en in de stadsgrachten van Montfoort en enkele andere stukken dienaangaande (c. 1800)-1841 1 omslag Meest onbelangrijke varia NB 2.2.2. Tienden 2.2.2.1. Heeswijk 65 Stukken betreffende de verkoop van de Heeswijkse tiend onder Heeswijk, leenroerig aan de Staten van Utrecht, door mr. Gerard van Rhemen aan Carel Parmentier 1699 1 omslag 66 Lijst van de tiendplichtigen in de Heeswijker polder, opgemaakt door de Bewaarder van de Hypotheken en het Kadaster 1844 1 katern 2.2.2.2. Heeswijk en Willeskop 67 Acte van belening van Maximiliaan Louis van Utenhove door de Staten van Utrecht met de tienden van Heeswijk en Willeskop na dode zijns vaders Maurits Carel van Utenhove 1781. Met oudere acten van belening, 1677-1699 2 charters en 1 stuk (gewaarmerkt afschrift) 2.2.2.3. Achthoven 68 Overzicht van de opbrengst der tienden uit Achthoven over de jaren 1694-1754 2 stukken Deze tienden zijn in 1755 door Hendrik van Utenhove gekocht NB 69 Acte van belening van Hendrik van Utenhove door de Staten van Utrecht met de tienden van Achthoven na opdracht door Jacob Hyacint Dierout, heer van Ganswijk en Keulhorst, 1755. Met oudere acten van belening 1674-1751, en jongere acten 1768-1781, en andere stukken op deze beleningen betrekking hebbend, 1738-1745 7 charters en 1 omslag 70 Notarieel extract uit de acte van scheiding der nalatenschap van jonker Hendrik van Utenhove d.d. 1771 aangaande de aan jonker Maurits Carel van Utenhove toegescheiden tienden onder Achthoven 1807 1 katern 71 Acte van belening van Charles Parmentier door de Staten van Utrecht met de aan het burggraafschap van Montfoort leenroerige tiend onder Achthoven aan de Meerndijk, na opdracht door Pieter Leechburch, 1688. Met oudere acten van belening 1658-1680, en jongere acten 1728-1781, en een optekening betreffende de beleningen tot 1688 6 charters en 1 stuk 72 Acte van verkoop van een aan het burggraafschap van Montfoort leenroerige tiend onder Achthoven aan de Meerndijk aan Pieter Leechburch door Elbert Assuerus, baron van Voorst, en Mechtelt Adriana van Renesse van Baer, echtelieden, 1679. Met een overzicht van de opbrengst van deze tiend over de jaren 1641-1680, een retroactum en stukken betreffende de uitoefening van het tiendrecht door de koper, 1683-1684 1 omslag 73 Stukken betreffende de verkoop van een aan het burggraafschap van Montfoort leenroerige tiend onder Achthoven aan de Meerndijk, welke is afgescheiden uit een tiend in het Lijnpadt onder Lubbenes en de Hoge Weide behorende aan Maria van Renesse van Baer, die ook de redemptie van deze tiend onder Achthoven aan de Merndijk tot haar last heeft, aan Charles Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven. door Pieter Leechburch en Clara van Lochem, echtelieden 1688 2 stukken 2.2.2.4. Montfoort 74 Acte van overdracht van de krijtende tiend binnen stad en vrijheid van Montfoort aan Anthonis Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, door Magdalena de Gand, weduwe van Ferdinand Philips de Merode, als erfgenaam van haar zoon Franciscus Hyasinthus de Merode en voogdes harer andere kinderen, 1656. Met bijbehorend koopcontract, 1655. Met een volmacht voor Johan Both, gegeven door Parmentier als heer van Heeswijk en Achthoven, voor het innen van deze tiend, 1679 (minuut) 1 charter en 1 omslag 2.3. Stukken betreffende de bemoeiingen van de heren van Heeswijk en Achthoven met verschillende waterschappen in hun gebied 2.3.1. Heeswijk 75 Schouwbrief op de kaden, wegen en sloten van de polder Heeswijk 1561. Met afschrift (c. 1660) 2 katerns Op de eerste bladzijde twee vermeldingen van beboete overtredingen NB 76 Schouwbrief voor het zandpad tussen Montfoort en de Meerndijk en van het land van IJselstein langs de Meerndijk tot de Meernbrug en voor de bomen, leuningen, afpalingen en heiningen daarlangs, reeds gemaakt of nog te maken (c. 1650) (minuut) 1 katern 77 Lijst met namen van een aantal ingelanden van Heeswijk (c. 1660) 1 stuk 78 Volmacht voor Willem Duyssel, gegeven door Anthonis Carel Parmentier , heer van Heeswijk en Achthoven, om in zijn naam de jaarlijkse rekening van de polder Heeswijk na te zien en goed te keuren 1649 (minuut). Met het concept van deze acte 2 stukken 79 Rekening van de polder van Heeswijk 1805 (concept) 1 stuk 80 Ordonnantie betreffende de aanleg, het onderhoud en de schouw van het zandpad op Heeswijk van Montfoort af tot de Hoge Boom van Achthoven en van de daarbij behorende bomen en leuningen 1645 1 katern 81 Resolutie van de ingelanden van Heeswijk om een zandpad aan te leggen van de Heeswijker molen af tot het land van IJselstein voor welks schouw de schouwbrief d.d. 11 April 1645 met een uitbreiding zal gelden 1649 (gelijktijdig afschrift) 1 stuk Zie voor deze schouwbrief d.d. 1645 invent. no. 80 NB 82 Kaart van de niéuwe weg te Heeswijk tussen de IJsel en de IJseldijk, getekend door D. van Groenou 1655 1 stuk 83 Overeenkomst tussen de drost en de schout van IJselstein met de heemraden van de Legenbiezen, Achtersloot en Meerloo of het Broeck enerzijds en de drost van Montfoort met de schout en geërfden van Heeswijk anderzijds betreffende de afwatering van het Broeck in de IJsel en het onderhoud van de kaden en dijken 1589. Met afschrift (c. 1660) 1 katern en 1 stuk 84 Overeenkomst tussen schout, kameraar, gemene buren en landgenoten van Heeswijk enerzijds en die van Blocklandt anderzijds betreffende het gemeenschappelijk gebruik van de watergang bij acte van 1485 door Johan, burggraaf van Montfoort, aan de landgenoten van Heeswijk toegestaan, strekkende van het Hofland aan het eind van de Heeswijker tiendweg tot de Heeswijker poort van Montfoort, 1615. Met een notarieel afschrift 1650, benevens een ander afschrift (c. 1660). Met een afschrift van de acte d.d. 1485 van Johan, burggraaf van Montfoort, 1615 1 omslag 85 Extract uit het verhandelde in een vergadering van de schout, kameraar en heemraden van de polder van het Broeck met de schout en de kameraar van Heeswijk over het leggen van een heultje bij de Tiendweg van Heeswijk 1675 1 stuk 86 Overeenkomst, waarbij Herman Jansz. in Blocklant van de kameraar en heemraden van het Broeck de molenkade langs het land aan de vliet voor de tijd van 10 jaar in huur ontvangt 1598 (afschrift c. 1660) 1 stuk 87 Memorie van verschillende onderwerpen betreffende de polder van Heeswijk, welke ter kennis van de schout van Heeswijk gebracht moeten worden (c. 1660) 1 stuk Geschreven door A.C. Parmentier NB 2.3.2. Achthoven 88 Rekening van de polder van Achthoven 1805 (concept) 1 stuk 89 Stukken betreffende de aanleg van een zandpad van De Meern langs de Meerndijk naar Heeswijk en de betaling van de daarvoor gemaakte kosten 1649-1653 2 stukken 90 Verklaring van Aryen Wyerden, herbergier in de Witte Swaen aan de Hoge Boom, ten overstaan van schout en schepenen van Achthoven, waarbij hij toestaat ten behoeve van het verkeer van zijn erf gebruik te maken en tevens belooft het voetpad bij zijn herberg te zullen onderhouden 1652 1 stuk 91 Voorwaarden van aanbesteding van een brug over de IJsel bij Montfoort 1652 1 stuk In margine is aangetekend het besluit van Gedeputeerde Staten, waarbij toestemming tot de aanbesteding wordt verleend, onder bepaling, dat de kosten zullen komen ten laste der geërfden, die tot het onderhoud van het zandpad gehouden zijn NB 92 Verzoekschrift van de gecommitteerden van het zandpad langs de Meerndljk naar Montfoort aan de Staten van Utrecht tot het verkrijgen van toestemming de IJseldijk op enige brede plaatsen een weinig te mogen afgraven teneinde met deze grond de nieuwe brug op de plaats van de Hoge Boom tussen Achthoven en Heeswijk te verhogen, met apostille 1653 1 stuk 2.3.3. College van de IJsel 93 Schouwbrief voor de rivier de IJsel, vastgesteld door Gedeputeerde Staten van utrecht 1652 1 katern 94 Verzoekschrift van Johannes Willem van Wijnbergen, heer van Oucoop, als watergraaf van de IJsel in het land van Montfoort aan de Staten van Utrecht tot het verkrijgen van goedkeuring op een door hem opgestelde schouwbrief voor de IJsel, met apostille 1652 1 stuk 2.3.4. College van de Zuidelijke IJseldijk 95 Concept van een schouwbrief voor de IJseldijk van de IJseldam af tot aan het Haastrechtse veer (c. 1675). Met een fragment van een ouder concept, (c. 1660) 1 omslag Vastgesteld door de Staten van Utrecht, 30 Augustus 1676; Groot Utrechts Placaatboek II, 123 NB 96 Gerechtelijke getuigenverklaring voor schout en schepenen van Montfoort afgelegd, dat tezamen met de dijkgraaf van de zuidelijke IJseldijk altijd een ingeland van Heeswijk deze IJseldijk geschouwd heeft 1600. Met afschrift, 1652 2 stukken 97 Verzoekschrift van Anthonis Carel Parmentier en Pieter Dircksz. van der Weide aan de dijkgraaf en heemraden van de zuidelijke IJseldijk om deze dijk op eigen kosten te mogen verleggen, met apostille 1652 1 stuk 98 Commissiebrieven voor heemraden van de IJsel en de IJseldijk, gegeven door de heer van Achthoven en Heeswijk 1657-1673, (minuut) 2 stukken 99 Brief van de watergraaf, dijkgraaf en heemraden van de IJsel en de IJseldijk aan Carel Parmentier, heer van Heeswijk en Achthoven, betreffende de aanstelling van een heemraad voor dit heemraadschap in de plaats van een naar elders vertrokken lid van het college 1667 1 stuk 2.4. Stukken waarvan het verband met Heeswijk en Achthoven niet gebleken is 100 Verzoekschrift van Jacob van Baexen aan de Staten van Utrecht (met bijlagen d.d. 1632) betreffende het herstel van de Blinde weg tussen de Reyerscopper dijk en de Achthovense dijk 1651 1 lias 101 Verklaringen van Godschalk van Halmale, heer van Heulenstein, en Steven Willemsz. van Stekelenburg aangaande de verkoop van twee boomgaarden onder Heeswijk aan Mathijs van Bambergen 1655 1 stuk 102 Memorie van Symon Claesz. van Blanckendael aan de Staten van Utrecht betreffende de verdeling van het onderhoud van het zandpad tussen Utrecht en Harmelen (c. 1630) (fragment; afschrift) 1 katern 103 Kwitanties van door Reinier van Utenhove, heer van Amelisweerd, aan de proosdij en de proost van het kapittel van Oudmunster te Utrecht betaalde rechten en heergewaden 1716-1723 2 stukken Betreffen beleningen NB 104 Acte van overdracht van elf morgen bouwland waaronder 1 1/2 morgen boomgaard, genaamd Deurendens boomgaard, gelegen in het gerecht Houten aan Jan van Rooyen door Anthony Lagerwey als gemachtigde van Cornelis en Gerrit Jan van Rosendaal 1792 1 charter 105 Acte van overdracht van een streep land van de buitenplaats Zorgvlied met de halve sloot, gelegen onder het gerecht Schonauwen aan Jan Peek door Pieter de Goey 1809 1 charter 106 Aantekening over de heerlijkheid Werkhoven na 1848 (fragment) 1 stuk 107 Extract uit een memorie in het manuscript der ridderhofsteden in de provincie Utrecht; bibliotheek der ridderschap folio 162 (18-de eeuw) (fragment) 1 stuk 108 Plattegrond van de stad Montfoort, met 1-regelig opschrift "Montfoort" en aanwijzing van straten en poorten. Kopergravure zonder naam 1649 Uit: Blaeu, Toonneel der Steden van de Vereenighde Nederlanden. (Latijnse editie) NB

Archieven

Ga naar