DTB en kerkgenootschappen

De meeste DTB-boeken in de provincie Utrecht zijn aangelegd door de Nederduits-gereformeerde (ook wel aangeduid als Nederlands-hervormde) gemeenten en in de tweede plaats door de Rooms-katholieke staties / parochies. Dit gebeurde doorgaans door een dominee, koster of pastoor. De kwaliteit en kwantiteit van de gegevens was afhankelijk van het enthousiasme waarmee zij deze registers bij hielden. De DTB-boeken zijn niet volledig bewaard gebleven, zoals het geval is met de registers van de Burgerlijke Stand vanaf 1811.

Het oudst bewaarde register voor de provincie Utrecht is een doopboek van de Nederduits-gereformeerden uit Amersfoort dat start in het jaar 1579. Uit de begintijd en met name in kleine plaatsen vindt men registers waarin zowel dopen als huwelijken werden vast gelegd.

Tot de DTB-boeken worden niet alleen de registers van de verschillende kerken gerekend, maar ook de registers van huwelijken die voor het plaatselijk gerecht van schout en schepenen werden gesloten. Dit betrof met name huwelijken van niet-gereformeerden; hun huwelijk was namelijk alleen rechtsgeldig als het voor het plaatselijk gerecht was voltrokken.

De kerkelijke registers betreffen in de meeste gevallen registers van Nederduits-gereformeerde gemeenten en rooms-katholieke parochies en staties. In Oudewater en Polsbroek komen daarnaast oud-katholieke parochies voor. In Zeist was vanaf 1746 de Evangelische Broedergemeente aanwezig. Maarssen had een bloeiende Joodse gemeente. Verder kenden Utrecht en Amersfoort ook nog gemeenschappen van Lutheranen, Doopsgezinden, Remonstranten en Joden.

Collectie

DTB